Met prachtig helder weer en vol goede moed vertrokken we vandaag richting Col de Cabre. Dit wilden we doen als alternatief voor de Col de Carabčs die 150 meter hoger is. Altijd nog 1200 meter hoog, maar het moest er toch een keer van komen. (Lees verder hoe we toch aan deze klim ontsnapten...)
Vanaf Sisteron gokten we op de D946 over Ribiers naar Laragne-Montéglin. Het bleek een goede gok. Deze gele weg ging weinig op en neer, was zeer rustig en liep door een prachtig landschap. Het bleek een deel van een 'Route du vin et des fruits' te zijn. Wij zagen alleen maar veel fruitbomen...
Na zo'n 7 km hoorden we plots een vreemd geluid bij 'het wiel', net of er iets afbrak of dat er een steentje tegenaan sloeg. Bij een eerste inspectie niets vreemds kunnen ontdekken, behalve dat remmen nu erg bonkend ging. De remblokjes een beetje bijstellen bleek niets te helpen. Toch maar gewoon doorgereden totdat in de afdaling naar Laragne-M. bleek dat remmen wel erg veel kabaal maakte. Dat kon nooit goed zijn voor het remapparaat. Nogmaals het wiel goed bekeken en wat bleek: de velg ging - vlak bij het ventiel - een beetje wijd staan, met gevolg dat hij daar niet meer goed tussen de remblokjes door kon. Deze neigen daardoor naar blokkeren, vooral tijdens afdalingen, en daar kwamen er nog wel een paar van! Ook was het wiel nu niet meer zuiver rond; het leek of er een hobbel in zat. Het leek ons verstandiger om naar een fietsenmaker uit te kijken. Daar begon de ellende weer opnieuw! Eerst gokten we op Serres, daar zou er misschien één zijn; er was in ieder geval een camping en ook een station. De verleiding om de trein naar huis te neme begon al weer op te komen, maar het herfstweer aldaar hield ons - nog even? - tegen. Op de drukke N75 naar Serres passeerden we een groepje collega's die ons later weer inhaalden. Toen we 10 km voor Serres even pauzeerden, kwamen er twee van hen terug rijden om te vragen of we soms problemen hadden. Dat hadden we wel, maar daarvoor waren we niet gestopt. Ze waren door anderen, die kennelijk dachten dat wij bij hen hoorden, ingeseind over het feit dat wij hier stopten. Bleek een stel erg aardige Schotten te zijn (ze waren blij dat we engels spraken!) op hun laatste fietsdag door Zuid-Frankrijk. Ze wensten ons veel sterkte toe en zeiden dat we maar veel koud bier moesten drinken, dat hielp!
Toen we even later Serres kwamen binnenrijden stonden ze ons weer op te wachten en werden we enthousiast verwelkomt. In dit stadje vonden we vrij snel een soort fietsenmaker, annex grasmaaier- en motorzaagreparateur. De 'patron' zelf deed de fietsen, maar die was vandaag helaas niet aanwezig, bovendien zag de winkel annex werkplaats er niet erg hoopvol uit... We werden doorverwezen naar Veynes (of terug naar Sisteron, maar dat was geen serieus alternatief); dat lag wel iets buiten de route, maar er zou ook een camping zijn en er was een station! We reden er naartoe over de rode D994, hetgeen toch weer een lekker rustige en mooie weg was om te fietsen. Hoge Alpentoppen lagen nu vlak voor ons! In Veynes vonden we een garage annex fietsenmaker. Deze deed ontzettend zijn best om ons te helpen - ook Fransen kunnen ontzettend aardig zijn - maar was daar niet echt toe in staat. In eerste instantie zag hij niet wat het probleem was en dacht dat het aan de remblokjes lag. Die werden vervangen, maar toen werd het dus nog moeilijker om het wiel vrij rond te laten draaien. Hij had wel een ander wiel, maar daar paste onze kransjes niet op en de juiste velg bestellen, dat zou een paar dagen duren. Hij adviseerde ons uiteindelijk maar met de trein naar Grenoble te gaan (hij had wel een adresje: Quai du Drac); fietsen kon nog wel, vond hij, maar remmen in de afdaling was riskant! Lekker! Hadden we dit niet allemaal eens meegemaakt, precies een maand geleden...?
We troffen het maar weer dat hier een station was. Morgen om acht uur vertrok de eerste trein naar Grenoble, fietsen mee was geen probleem. Gauw naar camping 'Le Solaire', die tien minuten buiten het dorp lag en waar een zee van ruimte was. We gingen vroeg naar bed want om zes uur zou de wekker aflopen! Zou het in Grenoble niet lukken dan wilden we de trein naar huis nemen. De lol was er voor ons nu toch wel aardig af... dit was onze tweede crisis.
|