Genealogie van de familie Kalkman

De Rotterdamse takken

[pagina 34]

Homepage

Achtergrond

Het rode Boek

Takken

Naamindex

Onze naam

Nieuw

eMail

English

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 35]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 36]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 37]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 38]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 39]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 40]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 41]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

[pagina 42]

 

Keren we na deze escapade naar het soldatendom terug naar Jan Kalkman, de belastingcommies van wie ik al heb gezegd dat hij de aanzet heeft gegeven voor het ontstaan van een belangrijke Capels-Rotterdamse tak aan de Kalkmannenstam. (Vlu)

Uit zijn huwelijk met Hermina de Vries heeft Jan acht kinderen gekregen. Daarvan zijn er vier jong gestorven. De overblijvenden waren twee jongens, Wouter en Jan, en twee meisjes, Jannetje Cornelia Hermina en Maria.

Laat mij eerst iets over de meisjes mogen vertellen. Jannetje trouwde met een Johannes Kreukniet, een kantoorbediende van wie zij tien kinderen heeft gekregen. Onder die kinderen was Marie Margarethus Kreukniet die later toneelspeler zou worden en die op 5 december 1893 op 41-jarige leeftijd in Amsterdam door verdrinking om het leven is gekomen. Niet lang daarvoor was hij van zijn vrouw, ene Anna Margaretha Maria van Overeem, gescheiden.

Jans andere dochter, Maria, trouwde met Cornelis van der Lugt, molenaar van de wipmolen Rad van Avontuur die aan het Jaffa in Kralingen heeft gestaan. De molen moest ook in het onderhoud voorzien van Cornelis' ouders en van zijn oudere broer Willem en diens gezin. Dat zal wel de reden zijn geweest dat Cornelis later zijn kansen heeft beproefd in het schippersberoep. In deze kwaliteit heeft hij zich vooral met zandtransporten beziggehouden. De molen Rad van Avontuur heeft, al naar gelang van de economische verhoudingen, dienst gedaan als snuif-, verf- en specerijmolen. Ik heb hem voor het laatst vermeld gevonden in het Rotterdams adresboek van 1880. Hij zal daarna buiten gebruik zijn geraakt en ten slotte onder slopershanden zijn gevallen.

Maria wordt na het overlijden van haar man in huwelijksakten van haar kinderen gesignaleerd als tapster of koffiehuishoudster. Zij zal haar bedrijf vermoedelijk hebben uitgeoefend in "een huis met kolfbaan, schuur, werf, erf en water", gelegen aan de Bosweg bij de Kralingse Plas. Dit onroerende goed, in notariŽle akten ook wel beschreven als een uitspanning, was 29 augustus 1834 door koop in het bezit gekomen van Mariaís schoonvader, Willem van der Lugt. Later hebben de Van der Lugts tevergeefs geprobeerd dit bezit door publieke veiling af te stoten, Hun vraagprijs was f 1800.- Er werd echter een hoogste bod van slechts f 500.- uitgebracht. Dit was voor de Van der Lugts aanleiding het perceel nog maar een poosje in hun bezit te houden. Nu de jongens.

Jans jongste zoon, naar zijn vader Jan geheten, kiest het beroep van huisschilder. Terloops mag worden opgemerkt dat Jan junior mijn overgrootvader was. Jans vrouw, Jansje van Heiden, heeft tien kinderen ter wereld gebracht, van wie er eveneens vier jong zijn overleden. Juniors eigen gezondheid is kennelijk ook niet erg sterk geweest. Hij was nauwelijks de veertig gepasseerd toen hij, in 1866, in Den Haag kwam te overlijden aan de "vliegende tering", zoals dat in de familiekring werd genoemd.

Vier jaar eerder had hij zich, komende uit Rotterdam, in Den Haag gevestigd om te proberen daar, in samenwerking met een compagnon. een eigen schildersbedrijf van de grond te krijgen. Helaas draaide het op niets uit omdat de compagnon erop een kwaad ogenblik met de bedrijfsfinanciŽn vandoor ging. Jan en zijn gezin in verdrietige want behoeftige omstandigheden achterlatende. Het thans levende nageslacht houdt het er op dat deze bittere ervaring zijn dood moet hebben verhaast.

De oudste zoon van Jan was Wouter, die ik daarstraks al vluchtig heb genoemd (VlIac). Wouter bracht het tot hoofdonderwijzer. Hij was getrouwd met Adriana Maria Kreukniet, een zuster van de Cornelis Kreukniet die - gelijk hiervoor vermeld - getrouwd was met Wouters zuster Jannetje. Wouters vrouw was eveneens in de educatieve sector werkzaam, ook als hoofd van een lagere school.

Deel van de notariŽle akte betreffende de verkoop van een huis

door de onderwijzer Wouter Kalkman aan de kapper Arij Kalkman.

Wouter en zijn vrouw hebben vier kinderen op jeugdige leeftijd moeten afstaan. Zij hebben er vijf overgehouden van wie er ťťn, Johannes, naar de grootvader van moeders zijde werd gedoopt. De anderen kregen voornamen waarin men de voornamen van vader Wouter en moeder Adriana Maria - in welke namencombinatie ook Ė kon herkennen. Het nageslacht blijkt die voornamen vrij consequent in dezelfde combinaties in ere te houden.

De vier zonen van Wouter hebben het goed gedaan, zoals dat heet. Johannes is privaat-docent geworden, Wouter Adriaan Marie notaris, Jan Wouter Herman predikant en Wouter Adriaan onderwijzer. Latere geslachten hebben over het algemeen, maatschappelijk gezien, het lichtende voorbeeld van hun voorgangers gevolgd en zo kan worden vastgesteld dat Wouter en zijn echtgenote een nageslacht hebben gecreŽerd om met reden trots op te zijn. Een nageslacht waarin nogal wat predikanten en advocaten voorkomen,

Ds Wouter Marie Adriaan Kalkman begeleidt koningin Wilhelmina in 1931 voor de

onthulling van het vissersmonument te Katwijk aan Zee

Wouter was, als ik hem goed taxeer, een ijdel man, Hij hield ervan op hoogtijdagen de goegemeente door middel van advertenties daarvan kond te doen: de geboorten van zijn kinderen, zijn zilveren, zijn 45-jarige en zijn gouden huwelijksfeest, zijn tachtigste verjaardag.26) Toen Wouter en Adriana in 1890 hun vijftigjarige echtvereniging vierden werd dit feest per advertentie aangekondigd, doch er bleek niet uit wie het initiatief voor de plaatsing had genomen. In de bekendmaking wordt het jubilerende echtpaar omschreven als "waardige lieden" die zich vanaf hun jeugd aan het onderwijs hadden gewijd. Letterlijk heet het dan verder

Beiden hadden het geluk, hunne voornaamste opleiding ven den uitmuntende onderwijzer en opvoeder den Heer M, GOUKA te ontvangen, waardoor zij in staat waren, bij velen door hun aangenaam en doeltreffend onderwijs den grond te leggen, waarop met goed gevolg kon worden voortgebouwd. God schenke het Gouden Echtpaar nog jaren, Om die in gezondheid met hunne kinderen, die allen eervolle betrekkingen vervullen, en met hunne kleinkinderen te doorleven.

Na het feest hebben Wouter en Adriana, wederom per advertentie, dank gezegd voor de ondervonden zeer grote belangstelling.

Het geloof

In het voorafgaande heb ik er al vluchtig op gewezen dat in het nageslacht van de pas genoemde Wouter Kalkman verscheidene dominees voorkomen, dienaren van de Nederlands-Hervormde Kerk. Gememoreerd dient in dit verband te worden dat ook de Lekkerkerkse tak een predikant heeft voorgebracht en wel Dirk Pieter Kalkman (Xf). Hij was voorganger van de gereformeerde gemeenten in Krimpen a.d. IJssel en Moordrecht. In de Capelse tak is het predikantenberoep overigens niet een monopolie van de nazaten van Wouter Kalkman. Een zoon van Pieter Kalkman en Willemina Cornelia de Witt is eveneens die richting uitgegaan. Het is Willem Kalkman (Xeo) die als hervormd predikant in Ameide staat.

Dit brengt mij op het thema van het geloof dat ons voorgeslacht heeft beleden. Het staat als een paal boven water dat de Kalkmannen aanvankelijk allemaal hebben behoord tot de Nederduitsch Gereformeerde gemeente, de latere Nederlands-Hervormde Kerk. Ook lijdt het geen twijfel dat zij trouwe kerkbezoekers zijn geweest. Dat kan worden afgeleid uit de oude kerk- en gaarderboeken waarin hun namen in het oud-Hollandse schrift van die dagen staan genoteerd, soms als het ware gecalligrafeerd. Die boeken vermelden de heuglijke gebeurtenissen van doop en huwelijk, zo goed als de droeve gebeurtenis van het overlijden. In het laatste verband kan worden doorgegeven dat de Kalkmannen zich doorgaans in de kerk van hun woonplaats lieten begraven. Waarbij als vermeldenswaardige omstandigheid kan gelden dat in den regel de nagelaten betrekkingen dan zorgden voor de betaling van grafrechten en het gebruik van Een rouwkleed, dit alles ten bedrage van 6 gulden en 15 stuivers.

De vergoeding is om twee redenen van belang. In eerste plaats was dit bedrag toentertijd niet eens zo gering en ten tweede lieten verreweg de meeste burgers zich in die dagen pro deo begraven. Hieruit zou men de conclusie kunnen trekken dat de toenmalige Kalkmannen een zekere welstand moeten hebben genoten. Een gerechtvaardigde conclusie, te oordelen naar het feit dat de notariŽle archieven de naam Kalkman herhaaldelijk noemen in verband met het bezit van op zijn minst een eigen huis(je).

Mijn onderzoekingen hebben aangetoond dat pas in de negentiende eeuw rooms-katholieke elementen tot het hervormde bolwerk van de Kalkmannen hebben kunnen doordringen. Dat gebeurde nadat delen van onze stam domicilie hadden gekozen in Schiedam, van oudsher een gemeente met een zeer sterk rooms-katholiek bevolkingsdeel. Het gevolg van de verhuizing is geweest dat er gaandeweg hele rooms-katholieke families Kalkman zijn ontstaan. In overgrote meerderheid echter zijn de Kalkmannen protestants gebleven. Zij het dan protestants in een ruime schakering: behalve hervormden en gereformeerden vinden we onder meer Evangelisch-Luthersen en Doopsgezinden onder hen. Van degenen die zich in het buitenland hebben gevestigd en die ik daar - in Canada, de Verenigde Staten of AustraliŽ - heb kunnen bereiken, weet ik dat zij eveneens het hervormde dan wel gereformeerde geloof trouw zijn gebleven.

Opmerkelijk is het wat erin het gezin van Pieter Kalkman (VIlab) en Anna Petronella Schaep gebeurde. Er werden acht kinderen geboren, allemaal in Schiedam. Vier jongens en vier meisjes. De jongens werden, naar de vader, gereformeerd gedoopt, de meisjes rooms-katholiek, het geloof van hun moeder.

Al even opmerkelijk mag het heten dat in verleden en heden in betrekkelijk veel Kalkmannen-gezinnen tweelingen zijn en worden geboren. Een erfelijkheidsverschijnsel? Anthonie (VlIaI) en zijn vrouw Gijsberta Catharina Bon hebben tot twee maal toe een tweeling gekregen, Hendrik Kalkman (VlIlo)en Anna Rietveld zelfs driemaal.

De oplettende beschouwer van de genealogie zal het voorts niet ontgaan dat de Kalkmannen in het verleden veelal gezegend zijn geweest met veel kroost. Een specifieke eigenschap van de Kalkmannen was dat evenwel niet. Kinderrijke gezinnen behoorden nu eenmaal bij het leven en de levensstijl van die tijd. De vrouwen waren doorgaans met de regelmaat van een uurwerk in verwachting. Bij velen viel een bijkans perfecte cyclus van om-de-twee jaren-een-kind te onderkennen. Wat wist men in voorbije tijden ook af van geboorteregeling en anti-conceptiemiddelen?

Pas in onze verlichte tijd zijn de gezinnen van de Kalkmannen kleinere proporties gaan aannemen. Waarbij moet worden aangetekend dat de gezinnen van onze voorouders gewoonlijk niet zo groot waren als de aantallen geboorten zouden kunnen suggereren. De natuur trad corrigerend op, langs de weg van een ontstellend grote kindersterfte.

Ter illustratie van deze opmerking slechts ťťn, maar dan wel heel sprekend voorbeeld, Ary Kalkman (VId) en zijn tweede vrouw Adriana Kreuk verliezen in Nieuwerkerk a.d. IJssel in 1859 vier van hun kinderen. Vier in ťťn jaar, sterker nog: in ťťn week. Op 23 oktober sterft Cornelis (19 jaar oud), de volgende dag Aafje (15 jaar) en Cornelis (9), op 29 oktober Pieter (12). Een epidemie? Het zou mij niet verbazen. Het was de tijd van de regelmatig terugkerende choleragolven. Kenmerkend zou ik het daarnaast willen noemen dat al deze kinderen, ongeacht hun leeftijd, in de overlijdensregisters vermeld staan als arbeider of arbeidster. Kinderarbeid was toen nog heel gewoon.

Schrijvende over bepaalde karakteristieken van het geslacht Kalkman mag ik niet verzuimen te signaleren dat er nogal eens Kalkmannen met Kalkmannen zijn getrouwd, allemaal van dezelfde stam en dus allemaal na of minder na aan elkaar verwant. Over het algemeen waren het mannen en vrouwen uit de Capelse tak die de weg naar elkaar vonden. Slechte eenmaal is het gebeurd dat een Capelse Kalkman (Pieter VIlag) in het huwelijk trad met een representante van de Lekkerkerkse tak (Geertruida, Vli).

Gewone mensen

Laten we uit het voorgaande nu niet proberen af te leiden dat het geslacht Kalkman door zijn kenmerkende eigenschappen boven het normaIe patroon kan worden uitgetild. Niets is minder waar dan dat.

Juist dit genealogische onderzoek heeft tot de conclusie gevoerd dat de Kalkmannen zich voorheen en thans een serieus en hardwerkend volkje mochten en mogen noemen. Een volkje dat het nu eens meer, dan weer minder voor de wind is gegaan, maar dat van versagen nooit heeft willen weten. Een volkje als elk ander, met goede en minder goede eigenschappen. Waarom zou er bij de Kalkmannen niet ook eens een zwart exemplaar tussen de witte schapen hebben rondgelopen?

Onwillekeurig moet ik hierbij denken aan het lot van Krijn Kalkman (Vt). Een protocol, opgemaakt op 8 september 1783 door notaris mr. Gerard van der Looij Houthoff te Rotterdam, gewaagt ervan dat hij op 23 juli van dat jaar in zijn woonplaats Keeten (Capelle a.d. IJssel) werd gearresteerd wegens brandstichting. Hij bekende tegenover de notaris en de gerechtsdienaren die hem hadden aangehouden, dat hij in dronkenschap een schuur met hooi in brand had gestoken, met als gevolg dat de schuur en het belendende huis in vlammen waren opgegaan. Bij het verhoor maakte Krijn de zaak nog erger door te proberen de dienders om te kopen. Hij werd in Rotterdam opgesloten om daar te worden berecht.

Het is mij niet bekend tot welke straf Krijn is veroordeeld. Zijn overlijdensakte vermeldt wel dat hij 18 mei 1801 in het "Werkhuys" te Rotterdam is overleden. Hij was toen dus al een slordige achttien jaar uit de maatschappij verwijderd. Tijdens zijn detentie heeft hij blijkbaar problemen gekregen met zijn vrouw. Dat kan ten minste worden geconcludeerd uit een akte van 12 juni 1793, opgemaakt door notaris Cornelis van der Looij te Rotterdam, Daarin staat te lezen dat Krijn aan Johan Francois van Ede, procureur, volmacht verleent om hem voor het Hof van Holland te verdedigen tegen zijn vrouw Lijsbeth (Elisabeth) Cornelisdr. Zuidam. 24)

Gewone mensen. Dat waren en zijn de Kalkmannen, zoals zij uit verleden en heden binnen het gezichtsveld komen. Beroepsmatig hebben zij bij tijd en wijle de bakens moeten verzetten. Voor touwslagers is in de hedendaagse maatschappij geen plaats meer, voor zalmvissers hier te lande evenmin De boer, hij ploegt voort, zo wil het een gevleugeld woord. Jawel, maar hij gebruikt tegenwoordig voor dat werk wel machines van zo- en zoveel paardekrachten, zo goed als hij zijn koeien laat melken door een vernuftig technisch apparaat. Ik wil maar zeggen dat er op dit ondermaanse veel is veranderd sinds Gillis Hendricz. Kalckman en zijn Aaltje Floren zich in Ouderkerk ad, IJssel of daaromtrent opmaakten om een gezin te stichten.

De Kalkmannen zijn veerkrachtig genoeg geweest om zich bij de ontwikkelingen aan te passen. Zij zijn in velerlei richtingen uitgezwermd, op zoek naar nieuwe bestaansmogelijkheden. Van de Kalkmannen zijn geen concentraties meer te vinden in slechte enkele gemeenten in of bij de Krimpenerwaard. Je kunt ze overal in het vaderland ontmoeten. Er zijn er ook die vol verwachting naar jongere landen zijn getrokken en die zich daar al aardig met de autochtone bevolking hebben geassimileerd. Maar die, voor zover het de mannen betreft, de naam Kalkman verder blijven uitdragen.

De aanpassing aan veranderende maatschappelijke en economische  omstandigheden is bij menige Kalkman gepaard gegaan mat een streven naar vermeerdering van kennis en naar een leven op een hoger niveau. Zeker, nog altijd beoefenen de Kalkmannen in grote meerderheid het een of andere handwerk. Het zij verre van mij daar geringschattend over te denken. Ik bedoel er dan ook niets mee aIs ik het feit constateer dat een toenemend aantal stamgenoten de neiging vertoont een hogere sport op de maatschappelijke ladder te willen bereiken.

Uitnodiging voor het bijwonen van de inaugurele rede van dr. C. Kalkman, benoemd hoogleraar aan de rijksuniversiteit te Leiden.

Dit proces is, zoaIs uit het voorgaande duidelijk zal zijn geworden, de vorige eeuw reeds op gang gekomen met de onderwijzers, de hoofdonderwijzers, de predikanten en de notarissen uit de nakomelingschap van de Schiedamse, later Rotterdamse Jan Kalkman. In onze eeuw kunnen Kalkmannen ook worden aangetroffen in beroepen als leraar, advocaat, huisarts, medisch specialist, tandarts, ambtenaar van rijk of gemeente, directeur van commercieel georiŽnteerde ondernemingen en ga zo nog maar even door. Uit de Lekkerkerkse tak is zelfs een hoogleraar naar voren gekomen, dr. C Kalkman, die aan de Leidse universiteit belast is met het geven van onderwijs in de bijzondere plantkunde.

De naam Kalkman is dus ook doorgedrongen tot de wereld van de wetenschap. Hoe staat hei met de wereld van de kunst? Op dat gebied hebben we de zanger Cornelius Adria(a)n Kalkman die triomfen heeft gevierd in vele concertzalen en operahuizen in binnen- en buitenland. Maar wat te denken van de A. Kalkman die een kleine tweehonderd jaar geleden blijk heeft gegeven zoiets als een dichtader te bezitten? Er bestaat een pamflet, gedrukt in Middelburg, dat een gedicht van zijn hand bevat. Het is getiteld "Traanen gestort bij het verongelukken van zeeven personen bij het overvaren van het Sloesche veer van het Nieuwland naar de Goesche wal, den 30 april 1767 door een ooggetuige". Luister naar het droef relaas:

0 Rouw! o diepen Rouw! wat koomt myn oog tíaanschouwen!

0 Noodlot voor de Mans, en droefheid voor de Vrouwen:

Ja ramp die nimmermeer na eis beschreven wordt!

Ras zeeven zielen plots in 't water neergestort,

Den laatsten van April, des avonds half zeven

Zag men haar met de boot, van 't Nieuwland gedreeven,

En zeilden voor den wind tot by de Goesche wal,

en storten al gelyk in Ďt zoute Waterdal.

En hoe men heeft getobt, en of men heeft gezwommen,

Ja nog wel drie of vier zyn op de boot geklommen,

' t Was alles buiten hulp, men sloeg 'er weder af.

Men zinkt tot op den grond, men daalt tot in het graf.

't Was op den eersten Mei, wy gingen ons begeven

Te zien of deez of geen was op 't strand gedreeven,

een ieder even droef, gaat als in diepen rouw,

Onzeker of men ooit een lyk ontdekken zou,

Men zogt dus overal, op 't Schor, beneŽn de dyken,

En vonden 't Goesche strand bezaait met doode lyken.

In deze gezwollen taal gaat het dan nog een hele poos verder. U vindt het geen kunstwerk? Dan staat u geheel aan mijn kant. Zelfs wie de "dode lijken" niet telt moet erkennen dat het een gedicht vol valse sentimentaliteit is. Nochtans, alles staat op rijm en de schrijver zal er stellig zijn best op hebben gedaan. En u weet: ook het pogen is schoon.

Maar wie mag deze dichter geweest zijn? Ary Kalkman (Vs), de zoon van Pieter Crijnen Kalkman en Geertje Ariensd. Mijnhoogheit?

Ziedaar dan nog op het laatst een vraag waarop ik het antwoord schuldig moet blijven. Misschien komt erna mij nog wel eens iemand die voor deze en andere opengebleven vraagstukken een oplossing weet te vinden. Daarmee is dan meteen gezegd dat de stamboom niet af is; hij zal in feite nooit af zijn. Want na ons komen nieuwe generaties Kalkmannen, steeds weer. Het is een soort perpetuum mobile, er komt gaan einde aan.

Wat mij betreft: ik heb mijn best gedaan de stamboom zo volledig en betrouwbaar mogelijk te maken. De gegevens van de genealogie lopen tot en met 1978. Zelfs kan er een enkel gegeven van begin 1979 in aangetroffen worden. Toch twijfel ik er niet aan of er zal hier en daar nog wel wat aan ontbreken. Maar ik vraag u in gemoede: wie is onfeilbaar?

Daarom zou ik tot besluit de lezers willen verzoeken niet onmiddellijk de pistolen te trekken en te schieten als onverhoopt mocht blijken dat de pianist eens een noot heeft overgeslagen of een vals akkoord ten gehore heeft gebracht.

P. N. Kalkman

Rotterdam, 1 februari 1979

[vorige]

[inhoud]

[volgende]

 

 

© 2000-2016 Theo J.F. Schalke, Zoetermeer/Netherlands. Het auteursrecht van de tekst van het boek berust bij de erfgenamen van P.N. Kalkman. De hier vermelde genealogische gegevens zijn nadrukkelijk uitsluitend bedoeld voor niet-commercieŽl en persoonlijk gebruik om tot een uitwisseling van gegevens te komen bij eventuele gezamenlijke voorouders. Alhoewel afzonderlijke feiten niet onder het auteursrecht vallen, is integrale overname van deze genealogische gegevens ten behoeve van publicatiedoeleinden door middel van druk, fotokopie, microfilm, CD-rom, BBS, database of Internet is niet toegestaan zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur. 

Bij gebruik van de gegevens van deze website wordt verwacht dat bij de bronvermelding verwezen wordt naar de website "Genealogie en Historie van de Familie KALKMAN" van Theo J.F. Schalke en/of de andere auteurs en bewerkers zoals deze vermeld  zijn op de diverse pagina's.