Gerard van Brandwijk 1704-1762

Notariële procuratie, 1-11-1762: Emerentia maakt haar zoon machtig/bevoegd

Terug naar het overzicht

startpagina

samenvatting

Emerentia Snels is nu zeven weken weduwe en zij vervoegd zich met een afschift van het testament van haar man wijlen Gerard van Brandwijk bij de notaris te Gouda.

In die akte heeft Gerard de oude bepaald dat zijn zoon binnen zes weken na zijn dood naar de notaris moet hetgeen Gerard de jonge in den Haag doet op op 26 oktober. En passant wordt gemeld dat het testament van pa door de staten van Holland is bevestigd op 10 mei 1759. (uit kragte van octroij).

Vervolgens wordt vermeld dat Emmerentia Snels het vruchtgebruik van de heerlijkheid is toebedeeld, hetgeen een veel voorkomende konstruktie is.

Tot slot maakt zij haar zoon “magtig’, om voor haar dat toegewezen vruchtgebruik verder juridisch al te handelen. Dat laatste is de eigenlijke, feitelijke rechtshandeling in deze akte. De rest is recapituleren.

 

Op heden den 1e november anno 1762

compareerde voor mij Hendrik Luijt  openbaar notaris

bij den edele hove van Holland geadmitteert, in Gouda

resideerende en de getuijgen naargenoemt, vrouwe

Emmerentia Snels, weduwe van den wel edele gestrenge

heer mr. Gerard van Brandwijk , in zijn leven heere

van Bleskinsgraave, raad en regerend burgemeester

der stad Gouda, woonende de comparante binnen

deese stad, mij notaris bekent. Dewelke aan ons notaris

en getuijgen heeft vertoont het testament op de 21e junij

1759 voor den notaris Hendrik de Bruijn en getuijgen in

s’Hage door haaren voorn(oemde) overledene egtge-

noot, gepasseert en door hem den 10e september deses jaars met de dood bevestigt

nalaatende twee kinderen met naamen den heer en mr

Gerard van Brandwijk secretaris deser stad, en vrouwe

geertruijd van Brandwijk, gehuwd met den wel edele

gestrenge heer en mr. Jan Noortbergh, raad in de vroed-

schap en oud schepen deser stad, dat vervolgens uijt

het voorsz testament aan mij notaris is gebleeken dat den

voorn(oemde). heer testateur heeft gewilt dat in cas (geval-van) zijne na te latene

kind of kinderen off derselver afkoomelingen binnen ses

weeken na sijn overlijden en dat het voorsz testament aan

haar zoude zijn medegedeelt soude goedvinden ‘t gunt (hetgeen) hij het

voorsz testament is gemelt en daar van zoude passeeren

behoorlijke acte, voor notaris en getuijgen onder willige condem-

natie (schijnvonnis) van den hoogen raade in Holland onder zoodanige

bijvoeginge als door mij notaris is gesien. Zoo als de

vrouwe comparante dan ook aan ons notaris en getuijgen

heeft getoont de acte dewelke haar voorn. zoon op den 26e

october 1762 voor den notaris Hendrik de Bruijn en getuijgen

in ’s Hage conform het voorsz testament heeft gepasseert

uijt hoofde van welke den nu wijders (verder/vervolgens aan mij notaris bij

examen? van het voorsz testament gemaakt uijt kragten

van het octroij op den 10e meij 1759, door de edele groot-

moogende heeren staaten van Holland ende Westfriesland

aan den voorn. heer testateur verleent en bij het voorsz

testament gemelt is gebleeken dat haar vrouwe comparantes

echtgenoot heeft begeert dat desselfs voorn. zoon de heer

en mr.Gerard van Brandwijk gz, secretaris der stad

Gouda als leenvolger zal succedeeren (opvolgen) in de voornoemde

heerlijkheid van Bleskensgraave zoodanig als hij heer

testateur die van haar edele groot moogende te leen heeft

gehouden en tot de tijd van het maaken van zijn voorsz

testament heeft beseeten, behoudens dat zij vrouwe comparante

daar van zouden hebben de lijftogt (vruchtgebruik) Zoo verklaarde zij

vrouwe comparante nu voor als dan na dat haar voorn.

zoon van welgem.? haar edele groot mogende zal hebben

versogt en bekoomen verleij en investiture (passeren van een akte)  van de gemelde

heerlijkheid van Bleskinsgraave zoals zijn voorn. heer

vaader daar meede is verleijd geweest, haar gemelde heer

zoon bij deesen volkoomen magtig te maaken omme uijt

naam van haar vrouwe comparante te compareeren

voor stadhouder en registermeester, mitsgaders(bovendien) leenmannen

van welgemelde haar edele groot mogende en aldaar te ver-

soeken in dier voegen als sulks gebruijkelijk is brieven van

approbatie en confirmatie (goedkeuring&bevestiging) van de voorn. lijftogt, beloovende

zij vrouwe comparante te houden en te doen houden voor goed

vast ende van waarden al het geene uijt cragte deses zal

werde gedaan ende verrigt, onder verband als na regten .

 

aldus gedaan en gepasseert te Gouda, ter presentie van

Robbert Hendrick Daasdonck, meede notaris en Pieter

Daasdonck, als getuijgen ten deesen versogt

 

E. Snels, wed van Brandwijk

R.H.Daasdonck  1762

Pieter Daardonck 1762

Fredrik Luijt, notaris 1762