![]() Titel Groen,blauw ISBN: 978-90-76953-69-4 |
Op een zomerdag
vertrek ik naar de Indelingsraad. De trein stinkt naar verschaalde rook en
het is erg warm. In Den Haag stapt een vrouw in. Midden dertig schat ik,
met glanzend kastanjebruin haar. Ze glimlacht als ze tegenover mij op de
lege bank gaat zitten en tegen mijn knie stoot.
'Sorry,' zegt
ze. Ik glimlach terug en
bekijk haar gezicht met bruine ogen, wenkbrauwen als dunne strepen, en
haar donkerpaars gestifte lippen, met een klein zwart randje langs de
sierlijke contouren. Ze draagt een spannend strak wit shirt, zonder
mouwen, op haar slanke
bovenlijf, en een rok van
dunne stof tot haar knie. 'Geeft niet,'
mompel ik en kijk verlegen naar buiten. 'Ben je op weg
naar school?’ ‘Nee, ik moet
naar Delft. Ik moet gekeurd worden voor
dienst.' 'A ha, ze gaan
een man van je maken.' 'Hum?' Ik kijk
haar niet begrijpend aan. 'Nou dat zeggen
ze toch, dat ze in dienst van jongens, kerels maken. Kerels die door dik
en dun gaan en veel voor elkaar over hebben. Kerels in uniform, stevige
schouders, rappe veerkrachtige tred, koele blik, sterk. Je kent ze wel.
Veel meisjes schieten in katzwijm bij de aanblik van een uniform.'
Ze overdrijft.
Met een geamuseerde blik tuurt ze tussen haar wimpers. De warmte in haar
ogen maakt me onrustig. 'Of ben jij
misschien al een man?' Zij tikt daarbij met de punt van haar pump tegen
mijn kuit. Ik schrik. Zou
ze bedoelen of ik het al gedaan heb? Ik wil wat zeggen, aarzel, en kijk
haar schuchter aan. Mijn ogen stoppen bij haar mond, die nu plagend en
breed is. Ze heeft een sterk regelmatig gebit, alleen de hoektanden zijn
verkleurd. ‘Zo heb ik het
nog niet bekeken. Ik heb er wel veel over gepraat de laatste tijd. Mijn
vader denkt inderdaad dat het goed voor me is. Ik zelf heb er nog geen
beeld van, het lijkt me leuk. De jongens op school vinden dat maar raar en
adviseren om het hardst om uitstel aan te vragen of om me te laten
afkeuren. De kranten geven aan dat het leger dramatisch aan het veranderen
is vanwege alle vredestaken voor de Verenigde Naties, en dat de
dienstplicht wellicht wordt afgeschaft. Dus ja, eigenlijk weet ik het niet
zo precies. Het lijkt me wel goed om een tijd met een team op te trekken
en samen wat neer te zetten. Misschien dat het inderdaad wat voor me is.
’ 'Je weet best
dat ik dát niet bedoel, maar je hoeft het niet te vertellen hoor…' Met
deze opmerking krijgt ze me aan het blozen. De rode kleur stijgt van mijn
nek tot onder mijn haargrens. Ik kijk naar haar lichaam. Met mijn vingers
friemel ik aan de stof van mijn broek. De situatie doet haar aan Peppe denken. Vorig jaar in Las Palmas.
Hij woonde op een berg in een wit huis tegenover haar appartement. Ze had
naakt op het balkon liggen zonnen en hij had al die tijd naar haar staan
kijken. Zij had hem gezien en net gedaan of ze hem niet zag. Plotseling
werd er aangebeld en stond hij voor haar deur. Zonder enige aarzeling
hebben ze gevreeën. Onvergetelijk.
Ze drukt haar benen stevig tegen elkaar en voelt de warmte van haar
schoot. 'Hoe laat moet
je bij de keuring zijn?’ Zonder zijn antwoord af te wachten spreekt zij
verder: 'hoor eens ik moet ook naar Delft, heb je misschien zin om na de
keuring wat leuks te gaan doen, ik zou je de mooie dingen van Delft kunnen
laten zien en we kunnen ergens koffie gaan drinken...’
Ik slik.
Shit wat is er toch met me, waarom doe ik zo
suf? 'Ik weet het
niet,' is al wat ik zacht uitbreng. Ik zou eigenlijk mijn keel moeten
schrapen, maar zelfs dat lukt niet. Deze vrouw maakt me zo in de war, dat
heb nog nooit gevoeld. Ik heb alleen maar ervaring met meiden van school,
maar ja, daar durfde ik ook al niets mee. Ik ben nog geen
man gonst het door me heen, zeker niet zoals zij het
bedoelt. 'Binnen
enkele ogenblikken nadert de trein station Delft,' klinkt het hard en
onaangenaam krakend |