Homepage voor het Vak Duits

 

Ashram College in Alphen aan den Rijn

 

  OEFENBRIEVEN INFORMEEL
voor 6 VWO Duits 2
Voorbereidingsmateriaal voor
SE Schrijven 1 

In dit bundeltje vind je vijf informele brieven. Het is de bedoeling dat vier brieven worden geschreven, omdat je het woordmateriaal straks tijdens het eerste schoolexamen schrijfvaardigheid nodig kunt hebben. Deze brieven lever je op de afgesproken tijdstippen in (zie werkwijzer periode 1), zodat ik ze kan corrigeren. Het is slim om meteen vanaf het begin een eigen woordenlijst aan te leggen, waarmee straks het leren van het idioom en de schrijfvaardigheid wordt vergemakkelijkt.

BRIEF 1:
Een Duitse vriend schrijft dat hij Neder1andse Tv-uitzendingen kan ontvangen en dat hij rege1matig naar Enge1se films kijkt op de Neder1andse TV, omdat die niet - zoals in Duitsland - nagesynchroniseerd worden. Hij zegt dat hij een heke1 heeft aan nage- synchroniseerde fi1ms. Hij schrijft dat hij te1kens de afkortingen KRO, VARA, NCRV, TROS etc. tegenkomt en niet begrijpt wat dat betekent. Hij uit de veronderstelling dat dit commerciële televisie is en vraagt of je iets wi1t vertellen over het Nederlandse omroepsysteem. Beantwoord de brief aan de hand van de vo1gende opdracht:

Opdracht:
1. Reageer positief op het feit dat jouw kennis naar Nederlandse Tv-uitzendingen kijkt en verte1 dat je zijn mening omtrent nasynchronisatie deelt.
2. Toon begrip voor zijn veronderstelling m.b.t. vermeende commercialiteit van KRO etc. gezien de reclame die de omroepen voor zichzelf maken, maar corrigeer het misverstand.
3. Noem 3 omroepen en 1eg uit welk deel van de bevolking ze vertegenwoordigen. Vermeld het verband tussen ledenaantal en zendtijd.
4. Vertel dat de gewone reclamespots door een speciale stichting uitgezonden worden. Zeg of je reclame op de TV storend vindt of niet.
5. Kom nog even terug op de term commerciële TV en vermeld dat er over de kwaliteit van deze omroeporganisaties in Nederland een discussie gaande is. Informeer naar de positie van de commerciële TV in Duitsland.
6. Zorg voor een passend slot.

Woordmateriaal Brief 1:

-commerciële TV          = das kommerzielle Fernsehen
-nasynchronisatie         = die Synchronisation
-Tv-uitzending             = das Fernsehprogramm
-vermeend                    = vermeintlich
-de commercialiteit      = die Kommerzialisierung
-de omroep                   = die Fernsehanstalt
-vertegenwoordigen     = vertreten/repräsentieren
-het verband                = der Zusammenhang
-het ledenaantal           = die Mitgliederzahl
-de zendtijd                 = die Sendezeit
-de stichting                 = die Stiftung
-uitzenden                   = ausstrahlen
-betaal-TV                   = das Gebührenfernsehen



BRIEF 2:
Van je correspondentievriend(in) uit Zürich heb je een brief gekregen, waarin hij/zij vertelt over zijn/haar huis en familie. Jij schrijft net zo'n brief terug aan de hand van de volgende opdracht:

  Opdracht:
1. Bedank jouw vriend(in) hartelijk voor de brief en zeg iets over de inhoud ervan.
2. Vertel iets over jouw eigen woonomgeving (o.a. de grootte, afstand tot andere grote steden, industrie, vrije tijd, inkopen doen, bezienswaardigheden, landschap in de omgeving).
3. Noem 2 voor- en 2 nadelen van jullie huis en woonplaats en laat blijken dat je binnenkort zou willen verhuizen. Vermeld ook twee redenen, waarom je zou willen verhuizen.
4. Vertel iets over jouw familie en schrijf ook hoe zij over hun huis en huidige woonplaats denken.
5. Jouw vriend(in) heeft de leeftijd van een van zijn/haar zussen in de brief niet vermeld. Zeg dat je dat graag zou willen weten.
6. Vertel met welke broers, zussen of vrienden je het meeste omgaat. Noem drie dingen die jullie samen doen.
7. Zorg voor een passend slot.

Woordmateriaal Brief 2:

-de woonomgeving        = die Wohnumgebung
-de afstand tot            = der Abstand zu (+3)
-de bezienswaardigheid = die Sehenswürdigkeit
-binnenkort                  = in Kürze/bald
-verhuizen                    = umziehen
-de reden(en)               = der Grund - die Gründe
-de woonplaats             = der Wohnort
-de leeftijd                  = das Alter
-vermelden                   = erwähnen


BRIEF 3:
In zijn/haar laatste brief schreef jouw correspondentievriend(in) over een kleine rel die bij hem/haar op school rond de schoolkrant is ontstaan. De schoolleiding heeft de publicatie van een artikel over populaire en niet-populaire leraren verboden. Volgens jouw vriend( in) is daarmee het recht op vrije meningsuiting geschonden. Hij/zij vraagt jouw mening over dit probleem. Schrijf deze brief aan de hand van de volgende opdracht:

  Opdracht:
1. Schrijf dat jullie geen schoolkrant, maar wel een wandkrant hebben, waarin vaak leuke stukjes staan die door de leerlingen zelf worden geschreven. Dit zijn stukjes over activiteiten, popmuziek, leuke films, maar ook grappige stukjes over leraren en hun fouten.
2. Vertel dat jullie vorig jaar een vergelijkbaar probleem hebben gehad. In de wandkrant hadden jullie een hitparade van de 10 slechtste leraren afgedrukt. Dit veroorzaakte grote opschudding. De meeste docenten eisten een verontschuldiging.
3. Geef weer wat de kern van het probleem is. Enerzijds heeft iedereen recht op vrije meningsuiting, anderzijds heeft niemand het recht een ander te kwetsen .
4. Geef jouw standpunt weer. Vind je het slim om docenten op deze manier op hun functioneren aan te spreken of zou je voor een andere oplossing kiezen?
5. Deel mee hoe jullie het probleem hebben opgelost. De directie heeft een vertrouwenspersoon als lid van de redactie aangesteld. Deze beoordeelt nu de artikelen en overlegt met de redactie.
6. Zorg voor een passend slot.

Woordmateriaal Brief 3:
-de schoolkrant            = die Schülerzeitung
-het stukje                   = der Beitrag
-grappig                       = humoristisch
-afdrukken                  = drucken
-de opschudding           = die Unruhe
-eisen                          = fordern
-de verontschuldiging   = die Entschuldigung
-de vrije meningsuiting = der freie Meinungsaustausch
-kwetsen                      = jemandem Schmerzen bereiten
-de oplossing                = die Lösung
-de vertrouwenspersoon = die Vertrauensperson

BRIEF 4:
Aan de laatste vakantie in Wenen heb je een vriend(in) overgehouden, die in Bremen woont. Jullie hebben afgesproken om elkaar te schrijven. Jouw eerste brief gaat over de terugreis naar Nederland en school. Schrijf de brief aan de hand van de volgende opdracht:

Opdracht:
1. Zorg voor een passend begin. Informeer naar de route en duur van de terugreis van jouw vriend(in). Vermeld wanneer jullie zelf zijn teruggekomen.
2. Vertel dat jullie 3 uur oponthoud hebben gehad vanwege een file, die ontstaan was na een groot ongeluk op de autoweg richting Stuttgart. Vertel dat je dit oponthoud erg vervelend hebt gevonden en noem een reden waarom dit zo vervelend was.
3. Vertel dat bij thuiskomst was ingebroken. De buren hadden niets gemerkt. Noem enkele spullen die gestolen waren en noem ook een voorwerp dat men van jou had meegenomen. Noem het totale schadebedrag. Vertel of jullie wel/niet verzekerd waren.
4. Vertel hoe je het vond om weer naar school te gaan en noem daarvoor twee redenen. Vertel iets over de vakken die je hebt, hoeveel lesuren je per week hebt, hoeveel leerlingen in jouw klas zitten.
5. Vertel iets over een "normale" schooldag (o.a. lesrooster, spannende gebeurtenis, onderlinge vriendschappen).
6. Vertel dat je zelf na het eindexamen graag naar de universiteit zou willen gaan om Engels te studeren. Je hoopt dat je later een baan in het onderwijs zou kunnen krijgen. Noem twee argumenten, waarom je graag in het onderwijs zou willen werken.
7. Omdat je veel huiswerk hebt en voor morgen nog een toets Duits moet leren, moet je stoppen met schrijven. Vertel dat je hoopt dat je de toets voldoende kunt maken.
8. Zorg voor een passend slot.

Woordmateriaal Brief 4:
-de terugreis                = die Rückreise/die Rückfahrt
-het oponthoud             = der Aufenthalt
-de file                        = der Stau
-het ongeluk                 = der Unfall
-de autosnelweg           = die Autobahn
-de buren                     = die Nachbarn
-de reden                     = der Grund (mv. die Gründe)
-het vak                       = das Fach (mv. die Fächer)
-het lesuur                   = die Stunde (mv. die Stunden)
-het lesrooster             = der Stundenplan
-het eindexamen           = die Reifeprüfung
-de baan                      = die Stelle

EXTRA BRIEF :
Jouw school heeft gedurende een. week de eindexamenklas van een VWO-school uit Eggesin op bezoek gehad.De Duitse leerlingen werden bij jou en andere klasgenoten thuis ondergebracht. Over dit bezoek schrijf je een brief aan jouw penvriend(in) in Bremen. Doe dit aan de hand van de volgende opdracht:

Opdracht:
1. Beschrijf de aankomst van de Duitse leerlingen en de ontvangst in de aula. Een van jouw klasgenoten hielt een toespraak (helaas in het Engels). Zeg iets over de kennismaking met jullie gast.
2. Geef een korte weergave van het gesprek tijdens het avondeten. Het ging over de steeds kleiner wordende culturele verschillen tussen de landen in Europa. Noem 5 voorbeelden van zaken die deze kleiner wordende culturele verschillen duidelijk maken (bijv. kleding, muziek, eten). 's Avonds hebben jullie TV gekeken. Vertel of jullie gast de Nederlandse programma's kon volgen.
3. De tweede dag maakten jullie een gezamenlijke fietstocht door de omgeving. Voor jullie gasten werden fietsen gehuurd. Beschrijf de rondrit en vermeld daarbij twee bezienswaardigheden in het landschap. Na afloop was er een lunch op school. ’s Avonds gingen jullie met z'n allen naar Amsterdam.
4. Vertel wat jullie de 3e t/m de 5e dag hebben gedaan.. Dit mag je zelf verzinnen.
5. De 6e dag brachten jullie door op school. Vertel dat de Duitse leerlingen de lessen Nederlands, Geschiedenis en Economie bezochten en dat 's avonds op school een groot feest werd georganiseerd.
6. Beschrijf de vertrekdag. Samen met jouw ouders bracht je je logé naar school. Hier was nog een korte toespraak van de rector en werden nog wat kado's uitgewisseld. Daarna reed de Duitse bus weg. Enkele klasgenoten stonden te huilen.
7. Vertel ter afsluiting wat je van deze dagen vond.
8. Zorg voor een passend einde.

Woordmateriaal Extra Brief :
-de klasgenoot = der Klassenkamerad (mv. die Klassenkameraden)
-de toespraak               = die Rede
-gezamenlijk                = gemeinsam
-de fietstocht              = die Radtour
-organiseren                = veranstalten
-uitwisselen                 = austauschen