‘2 JAAR LATER’
Dit laatste hoofdstuk ‘2 JAAR LATER’ valt eigenlijk niet te beschrijven vanwege het feit dat er zoveel is gebeurd in de afgelopen jaren. Ik ben nu wél aanvalsvrij en daar moet ik héél trots op zijn. Je gezondheid is het allerbelangrijkst zegt men. Maar ….. ik voel mij toch ‘gefaald’ in wat ik onder andere heel goed kon op mijn werkgebied en dat ik mijzelf zo had opgewerkt! Er zijn bepaalde dingen in het dagelijkse leven die ik voorheen heel zelfstandig deed, ik zal heel geleidelijk aan mijn weg weer terug moeten vinden. Er zijn nu toch wat angsten bij gekomen, er zijn zulke vreemde dingen gebeurd. Ik ben nu al een hele tijd niet meer actief bezig geweest in het vinden van een nieuwe ‘passende’ baan. Van diverse schriftelijke sollicitaties, kreeg ik keer op keer afwijzingen. Er zit en blijft een te groot gat in mijn prachtige CV die ik in al die jaren heb opgebouwd. Het lag niet in mijn bedoeling om te stoppen met het kantoorwerk, maar ik had geen keuze. Op het moment dat ik in 2003 besloot te tekenen voor het einde dienstverband bij ConneXXion, was ik zelf niet goed in staat om te kiezen voor het begeleidingstraject ‘van werk naar werk’ of voor de vertrekpremie. Ik heb toen de verkeerde beslissing genomen. Dit zit mij tot nu toe nog steeds niet lekker en dat blijft ‘zuur’. Nu vraag je jezelf soms af, waarom je zo graag weer op kantoor wil werken. De reden is heel simpel, je voelt je nog veel te jong om al te stoppen met het werk wat je met zoveel plezier hebt gedaan. Toch heb ik mij er bij neer moeten leggen en dat valt soms zwaar. Mijn kinderen hebben in het verleden 5 jaar op mij moeten ‘passen’, zij zijn mij af en toe ‘de baas’. Ik heb tijdens mijn herstel aan mensen op straat gevraagd, of zij achter Thomas aan wilden rennen omdat ik daar niet toe in staat was. Toch is het gezien mijn gezins-situatie veel beter dat ik thuis ben bij de kinderen en als zij dan thuis komen, ik er voor ze ben.
Ze vragen veel aandacht en energie. Mijn tijd komt wel. Wat is, gezien mijn gezin, de beste tijd?
Per april 2007 ben ik begonnen met het langzaam afbouwen van de anti-epileptica medicijnen in overleg met de neuroloog uit Heemstede. De neurochirurg dr. Baayen is erg tevreden hoe het verdere verloop is gegaan na de operatie.
Onderzoeken na de operatie
Om na te gaan of alles goed verlopen is tijdens de
operatie, vinden er na de operatie nog een aantal onderzoeken plaats. Dit zijn
dezelfde onderzoeken die tijdens de vooronderzoeken gedaan zijn. In mei 2007
hebben er diverse onderzoeken plaatsgevonden die van belang zijn om vast te
stellen of er geen uitvalsverschijnselen zijn. Als je
aan de slaapkwab geopereerd bent, bestaat de kans dat een gedeelte van het
gezichtsveld wegvalt. Hiervoor is een ‘gezichtsveldonderzoek’ verricht. De uitslag hiervan was dat alles nog 100% in orde was. Er is nu 2 jaar later opnieuw een MRI-scan gemaakt. Ik kreeg 2 foto’s
van de neurochirurg toegestuurd om hierop duidelijk te kunnen zien dat er nu
een lege plek zit, waar een deel van de slaapkwab én de hippocampus zat.

Hieruit kon ik opmaken dat de ‘deuk’ in mijn rechterslaap niet zal verdwijnen. Ik was wel erg gerust gesteld toen de neurochirurg vertelde dat hij van deze ‘klacht’ nooit had gehoord. Mocht ik er iets last van hebben, dan moet ik het weer even ‘RUSTIG AAN’ doen. Na de operatie ben ik nooit meer ‘ziek’ geweest. Ik zal altijd een positief en opgewekt persoon blijven tot ik er bij neerval.
Thema Epilepsiefonds: ‘LAAT ZE NIET VALLEN’
Leven na de operatie
Als de operatie geslaagd is, kan er toch een
moeilijke tijd aanbreken. Mijn leven gaat er ineens heel anders uitzien, omdat je
geen aanvallen meer hebt. De aanvallen beheersen mijn leven niet meer. Niet
alleen mijn eigen leven, maar ook dat van de mensen om mij heen veranderen. Er
gaat een nieuwe wereld voor je open en je zult moeten wennen aan dit nieuwe
leven zonder aanvallen.
Wel is het belangrijk om niet te hoge verwachtingen te stellen. Zo voorkom je
teleurstellingen.
Na 2 jaar dacht ik dat ik alles verwerkt had van wat er allemaal was gebeurd, maar ik heb gemerkt dat je er waarschijnlijk nooit aan gewend zal raken, er gebeuren nog steeds veel dingen waar je er toch steeds aan wordt herinnert. Wennen aan zulke ingrijpende veranderingen is moeilijk en zal tijd kosten. Je zult er langzaam aan moeten werken om het leven weer op te pakken.
Martine van der Zon
mei 2007