bijlagen - goed & koopjes

de prijs

Kwaliteit en prijs.

Er is in het algemeen geen verhouding tussen de prijs die voor klassieke muziek op cd's wordt gevraagd, en de kwaliteit van de muziek, de uitvoering en/of de opname van de muziek op die cd's.

Niet alleen zijn goedkope (goedkoop opererende) labels in staat gebleken om kwalitatief hoogstaande opnamen op de markt te brengen, ook de grote maatschappijen brengen veel goedkope heruitgaven uit van top-uitvoeringen, en er zijn ook labels die - met een redelijk scherpe neus voor kwaliteit - bij andere labels licenties van opnamen opkopen die vervolgens grootschalig voor een schijnbedrag worden aangeboden.

Daarentegen is er geen enkele garantie dat een nieuw uitgebrachte cd, waarvoor de volle prijs gevraagd wordt, een prima uitvoering bevat of ook maar enigszins een verbetering vormt ten opzichte van een eerder uitgebrachte opname van hetzelfde werk. Sterker nog: van veel repertoire, dat in het verleden reeds vaak en soms uitstekend is opgenomen,  verschijnen slechts zelden opnamen die ook maar enige verbetering inhouden, en de meeste opnamen kunnen dus worden gezien als overbodige opnamen, ook al zijn ze nog zo duur.

Een hoge prijs is ook geen garantie dat er op de betreffende uitgave wordt verdiend (wat een economische noodzaak wordt genoemd om weer andere opnamen mogelijk te maken). Deze verdiensten worden alleen bereikt bij voldoende omzet, hetgeen alleen lukt bij het populairdere repertoire, of bij een lagere prijsstelling. Wat dus eigenlijk inhoudt, dat men er in veel gevallen een prijs opplakt die gerelateerd is aan de vraag (de verwachte omzet), en niet aan de kwaliteit.


Is goedkoop wel goed?

Soms is het - zeker voor hen die zich in het verleden veel opoffering of moeite hebben getroost om iets te bemachtigen - schokkend om te zien hoe bepaalde als ware kunstwerken gekoesterde opnamen voor een habbekrats door iedereen zomaar gekocht kunnen worden, bij wijze van spreken zonder één centje pijn, en in één en dezelfde handeling als het kopen van bij voorbeeld tabletjes paracetamol.

Is dit wel goed, zullen zij zich afvragen.

Elke cd-winkelier zal u vertellen dat dit niet goed is. Met name met het argument dat er ergens geld verdiend moet worden, omdat er zonder dat geld geen nieuwe opnamen meer gemaakt kunnen worden.

Ik denk dat de lange-termijn-effecten van het verschijnsel "klassiek voor een piek" niet onderzocht of bekend zijn. Is men minder klassieke muziek gaan kopen van de "traditionele" merken, via de traditionele kanalen? Zijn er andere ontwikkelingen die men als positief kan kenschetsen? Waar zit het "verlies" precies (wie verliezen er hierbij iets, en hoeveel verliezen zij)?

Natuurlijk zullen degenen die bij deze ontwikkelingen de verliezers zijn, luidkeels schreeuwen. Maar hebben zij - afgezien van hun eigen verlies - gelijk? Met name in hun beweringen dat deze ontwikkelingen uiteindelijk alleen maar kunnen leiden tot verschraling, verarming, vertrossing, vercommercialisering.

Misschien hebben zij gelijk. Maar misschien zal de roep om kwaliteit sterk genoeg zijn om de kwaliteit te laten overleven. 

 

de handel

Beweging.

Merken, labels, concerns zijn voortdurend in beweging, en gaan van hand tot hand. Mediagiganten kopen links en rechts wat los en vast zit, om hun marktaandeel te verhogen. Gerenommeerde merken gaan over in handen van voormalige concurrenten, en worden daar soms vertroeteld, soms uitgehold; minder renderende takken worden weggesneden.

In de klassieke hoek zijn er enkele giganten die zich het fonografisch erfgoed van een eeuw muziek opnemen hebben toegeëigend. Soms hebben de nieuwe eigenaars geen enkele binding met "het product (klassieke) muziek", en is de toekomstige beschikbaarheid van de door hen beheerde schatten een groot vraagteken; interesse in het uitbreiden van die rijkdom (maken en uitbrengen van nieuwe opnamen) lijkt soms niet tot nauwelijks aanwezig.

De kleinere merken lijken "betrouwbaarder", maar zijn sterker afhankelijk van minder stabiele distributiekanalen, en van wat winkeliers in voorraad willen hebben. Zij kunnen ook minder putten uit in het verleden opgebouwde voorraden.

Verkrijgbaarheid.

Wat op dit moment beschikbaar is, kan dus morgen verdwenen zijn; en wat lange tijd is weggeweest, ís er soms ineens weer. Het meeste is er tegenwoordig slechts "maar even". De fixatie op het martaandeel brengt kennelijk met zich mee dat het (opnieuw) uitbrengen van iets interessanter is dan het in productie of in voorraad houden. Een nieuwe serie op de markt gooien loont meer. We zien steeds meer dat series of losse uitgaven slechts een heel kort leven zijn beschoren. Dit geldt nog sterker in de budget prijsklasse. Hoewel veel steeds opnieuw wordt uitgebracht (en je er eigenlijk op kunt "wachten" tot het wéér verschijnt), schept men graag een "sla-uw-slag" sfeertje.

Daarnaast is het in Nederland in het algemeen vrij droevig gesteld met het aanbod van budget cd's. Alsof de winkeliers ze niet in de schappen willen hebben. En sommige winkelketens "omarmen" steeds weer andere labels; Free Record Shop hàd veel Naxos (dat raakt nu op) en veel Pilz en Point Classics (dat is vrijwel op) en is nu met Eloquence bezig. V&D is al bijna helemaal met klassiek gestopt, op enkele goedkope series na (maar ook die zijn in sommige V&D's niet meer te vinden).