Home
Horjus & Partners
Onderzoek & Advisering


Het Marco Poloteam onderzocht

In de Utrechtse wijk Kanaleneiland opereert het Marco Poloteam. Een gemotiveerde agent die het werk en de doelgroep goed aanvoelt surveilleert twee à drie keer per week samen met een aantal jongens die crimineel zijn of waren, uitgerust met herkenbare kleding en portofoons, op "overlastgevoelige" plaatsen, zoals het winkelcentrum in de wijk. Het Marco Poloteam is in 1998 onderzocht op de effecten die het heeft op de deelnemers en welke invloed het heeft op de wijk. Naar aanleiding hiervan geven we een overzicht van de belangrijkste conclusies:

Met betrekking tot de doelgroep:

  • Vanaf de start van het Marco Poloteam tot mei 1998 stroomden 17 jongeren in en 11 jongeren verlieten het Marco Polo team. De gemiddelde leeftijd bij instroom was 16,5 jaar.
  • De etniciteit van de meeste deelnemers is Marokkaans. Daarna volgen Nederlandse en Turkse etniciteit.
  • Ongeveer de helft van de instroom is te categoriseren als harde kern jongeren.


Met betrekking tot de vormgeving van het project:

  • In de wijk is het Marco Polo team de voorziening die zich met een betrekkelijk brede aanpak richt op meerdere gedragsbepalende factoren bij de doelgroep.
  • Uit de interviews blijkt dat de werkwijze van het Marco Poloteam aansluit bij de verwachte fase van het veranderingsproces van de doelgroep. Verwacht wordt dat een attitude om tot verandering te komen wel aanwezig is, maar dat het ontbreekt aan een stimulerende sociale omgeving. Het lijkt er op dat jongens in de doelgroep de deelname aan het Marco Polo team als een voor hen begaanbare weg zien om tot een andere levensstijl te komen.


Met betrekking tot afname van problematiek:

  • De begeleider constateert dat bij 13 jongens de problemen belangrijk zijn afgenomen. Bij drie jongens zijn ze enigszins afgenomen en bij één jongen wijzigde de situatie nauwelijks.
  • In de interviews geven op één na alle jongens aan in positieve zin veranderd te zijn door deelname aan het MPteam.
  • Drie jongens zien een directe relatie tussen hun verandering en de invloed van het MPteam. De meeste jongeren relativeren de invloed van het MPteam. De jongeren geven aan dat de belangrijkste factor van hun verandering in hen zelf gelegen is, namelijk de vergroting van inzicht in de consequenties van crimineel gedrag. Wel geven de jongens aan dat de positieve aandacht vanuit de begeleiding een belangrijk gegeven is bij de aanzet tot de verandering.


Met betrekking tot afname van crimineel gedrag:

  • Uit de HKD-gegevens blijkt er een recidive van 17% te zijn in het eerste half jaar na de start van de deelname. Uitgaand van (laagdrempeliger, maar minder betrouwbare) BPS-gegevens is de recidive 43%.
  • Als we rekenen in vermeldingen in het herkenningssysteem van de politie dan is er na een halfjaar na deelname een teruggang van 80% en een teruggang van BPS-vermeldingen van 38%.
    Met betrekking tot de wijk (ondernemers in het winkelcentrum en risicojongeren)
  • Over het algemeen is men in het winkelcentrum positief tot erg positief over de effecten van het Marco Poloteam op de vermindering van overlast in het winkelcentrum. Men meent dat er een sterk preventieve werking uitgaat van de surveillance van het Marco Poloteam.
  • Ondernemers in het winkelcentrum zijn over het algemeen positief over de jongens en het Marco Poloteam als groep. Men beoordeelt hen als beleefd en actief. De groepscohesie, de correcties onderling en de toenemende "professionele uitstraling" gedurende de looptijd van het project worden met name genoemd.
  • Een groep (risico-) jongeren (+/- 12 jaar) is gevraagd naar hun mening over het Marco Poloteam. Alle jongens kennen het Marco Polo team, maar ze zijn dubbel in hun waardering. De algemene waardering is erg laag. Verwensingen gaan over tafel, want een aantal dominante jongens heeft al een paar aanvaringen met het Marco Poloteam achter de rug. Toch wil men graag verdere informatie over het Marco Polo team en ook geeft de helft van de groep aan dat het Marco Poloteam het winkelcentrum veiliger maakt.


Op basis van de kennis opgedaan in het onderzoek geven we de belangrijkste aanbevelingen:

Algemeen
Aangezien de resultaten van het Marco Poloteam vooralsnog betrekkelijk gunstig blijken te zijn wat betreft de effecten op de deelnemers en de omgeving waarin gesurveilleerd wordt is het aan te bevelen het project voort te zetten. Ook in andere stadsdelen met een vergelijkbare situatie als in Kanaleneiland zouden teams met een zelfde werkwijze kunnen worden ingezet. Marco Poloteam bevindt zich op de grens van politiewerk en welzijnswerk. Een en ander is niet organisatorisch te scheiden en door de aard van de uitgevoerde activiteiten is het werk niet uit te voeren door welzijnswerk. Bovendien heeft het team een taakverlichting voor het politieapparaat tot gevolg. Hierom zien we het surveillancewerk als een onderdeel van het primaire politiewerk.

Organisatorisch
Wanneer het tot instelling van meerdere teams in de stad Utrecht komt is het aanbevelenswaardig om deze onder te brengen in één structuur. Op die manier ontstaat er meer ruimte voor begeleiding en aansturing, ontwikkeling van professionaliteit en deskundigheidsbevordering. Ook kan de public relations binnen en buiten de politie eenvormig en adequater ter hand worden genomen. Belangrijk is dat veel aandacht gegeven wordt aan de communicatie met - en de inbedding in de wijktteams van politie en hulpverlening.

Begeleiding
De begeleider kan vanwege zijn rol in de surveillance alleen maar een politiemedewerker zijn, maar moet door opleiding of door persoonlijke kwaliteiten over een aantal sociale vaardigheden beschikken die niet tot het normaal vereiste repertoire aan sociale vaardigheden van de gemiddelde politieagent behoren. Te denken valt aan het kunnen hanteren van groepsprocessen, het vestigen van gezag over de jongens, gebruik kunnen maken van gesprekstechnieken om te communiceren met de jongens en hun families. Zowel in het huidige Marco Poloteam en in eventueel nieuw te vormen teams dient dan ook veel aandacht gegeven te worden aan deskundigheidsbevordering.

Professionalisering
Er dient een duidelijke afkadering te komen met betrekking tot de beide aanpalende sectoren namelijk de politie en de hulpverlening. Over opsporing moeten goede afspraken gemaakt worden met de wijkteams van de politie. Met betrekking tot de andere sector is het te overwegen om, mogelijk in de startfase een maatschappelijk werker als begeleidingscoördinator of -adviseur aan het team toe te voegen. Deze kan een rol spelen in de opzet van de afbakening, methodieken en protocollen van de hulpverleningsaspecten van het werk.

Nazorg
Voor jongeren die het Marco Poloteam verlaten is het belangrijk dat ze voor ondersteuning terecht kunnen bij een zekere vorm van nazorg. Het meest voor de hand ligt het om hierover afspraken te maken met bestaande voorzieningen.

Primaire preventie
De verwachting is dat de primair preventieve acties die bij het Marco Poloteam in voorbereiding zijn een positief effect zullen hebben op de negatieve houding die veel risicojongeren op dit moment nog hebben ten opzichte van het Marco Poloteam. Het is dan ook aan te bevelen om deze voort te zetten en uit te breiden als daar mogelijkheden toe zijn.
Kijken we naar de recente literatuur dan merken we dat er stijlovereenkomsten bestaan tussen de werkwijze van het Marco Polo team en het Glen Mills model (van den Berg, 1997). Een vergelijking van de Glen Mills methode met die van het Marco Poloteam levert een aantal aanbevelingen op voor een voortzetting of uitbreiding van jongeren surveillanceteams In de eerste plaats lijkt het een goede zaak wanneer de diverse teams per plaats onder één stedelijke naam gaan opereren. Dit vergroot de herkenbaarheid en naambekendheid van de teams. Er is naar buiten toe een herkenbaar profiel en ook de surveillerende jongeren kunnen zich makkelijker identificeren met "hun bedrijf". Daarnaast zou er meer gebruik gemaakt kunnen worden van groepsbinding om de jongeren aan te sturen. Dit zou kunnen door de participatie van de jongeren te vergroten in de vormgeving van de methodiek en de gedragscodes van de teams. Dit zou in kunnen houden dat er in samenwerking met de jongeren een expliciete set van gedragsnormen worden opgesteld die richtinggevend wordt voor de deelnemers aan de organisatie. Ook is het wenselijk om meer hiërarchische gelaagdheid in de teams aan te brengen. Er zou een explicieter belonings- en correctiesysteem ingevoerd kunnen worden. Met betrekking tot de beloning zou er met certificaten gewerkt kunnen worden die de jongeren privileges opleveren bij arbeid en scholing, correcties, leiding geven, geven van voorlichting etc. Met betrekking tot de correcties kunnen er protocollen gemaakt worden voor een hiërarchie aan corrigerende acties die (leidende) leden mogen/kunnen geven. Het is het overwegen waard om een aantal uiterlijke kenmerken als een privilege buiten de dienst ter beschikking te stellen. Een jongere zal zich makkelijker herinneren dat hij de eer van het team heeft hoog te houden wanneer hij een jasje van het team aanheeft. Het bevorderd de generalisatie van het gedrag van de bijzondere - naar de algemene situatie. Ten behoeve van de arbeidstoeleiding is het wenselijk dat er een samenwerking is met uitzendbureaus die jongeren met bepaalde, binnen het Marco Polo team behaalde certificaten met voorrang bemiddelen. Het zou een erkenning van het certificaat zijn als deze voorrang zou ontstaan omdat men zulke goede ervaringen heeft met houders van het certificaat.

Methode
In het onderzoek is gebruik gemaakt van een matrixmethode waarmee het een en ander aan kwalitatieve factoren schetsmatig in kaart te brengen is. Bij deze methode wordt er van uitgegaan dat alle interventies gedaan bij een doelgroep uiteindelijk gericht zijn op bepaalde betrekkelijk constante gedragsbepalende factoren. De hier gebruikte factoren attitude, sociale invloed en eigen effectiviteit (geloof in eigen kunnen) zijn ontleend aan het ASE model (Kok en Oostveen, 1987) en zijn eerder met succes in evaluatieonderzoek gebruikt (Horjus, 1995 en Horjus, 1997). Ook in deze evaluatie bleken de termen voldoende onderscheidend vermogen te hebben. Uit analyse blijkt dat de invloed van het Marco Polo team het meest gezien wordt als een socialiserende sociale invloed. Dat wil zeggen dat met het Marco Polo team een sociaal systeem geschapen wordt dat maatschappelijk gedrag stimuleert. Dit sluit aan bij onderzoek dat aangeeft dat we de ingang voor gedragsverandering niet zozeer moeten zoeken in het veranderen van de individuele normen en waarden, maar in het veranderen van het "morele klimaat" waarin de individuen vertoeven (Boer, e.a., 1996). Als goede tweede scoort de vergroting van de eigen effectiviteit. Hiermee geeft men aan dat jongeren door deelname aan het Marco Polo team geloof krijgen in de eigen mogelijkheden om tot verandering te komen. Opvallend is dat een simpel middel als de uiterlijke kenmerken (uniform/portofoon/bus/eigen onderkomen) hier een belangrijke rol wordt toegedacht.
Tot slot moet opgemerkt worden dat een project als het Marco Poloteam zijn waarde heeft vanwege de creativiteit en de inzet waarmee het project is opgezet en wordt draaiend gehouden en daarnaast ook doordat in dit project jongeren zich geen consument, maar producent voelen van hun eigen welzijn.

Literatuur:
Boer, M., G.E. van Lagen, D. Brugman (1996) Het morele klimaat in een penitentiaire inrichting. In: Tijdschrift voor criminologie, nr. 3. p.245-262.
Berg, K. van den (1997) Uitzicht zonder tralies. Twello: Hoenderloo groep.
Horjus, B. (1995). In het zweet voor de coole boys: het effect van justitiële opvanginrichtingen met een uiteenlopende methodiek op delinquente jongens in het JOC en het Nieuwe Lloyd. Zeist: St. Timon.
Horjus, B. (1997) "De kunst van het effectieve bloemschikken. Bejegening van jongens in justitiële inrichtingen". Uit: Baerveldt C. en Bunkers H. (red.), Jeugd en cel, Over justitiële inrichtingen, jongeren en jongvolwassenen. Utrecht: de Tijdstroom 1997.
Kok G.J. en T. Oostveen (1987) "Modellen ter verklaring van gezondheidsgedrag II". GVO/Preventie. nr. 4, pag. 225-233.

Voor het volledige onderzoeksrapport kunt u contact opnemen met Horjus en Partners.