Om onze reisbelevenissen enigszins te ordenen hebben we van elk land de Highlights (samenvatting), Belevenissen (reisverhaal met foto's) en Route (kaart met daarbij waypoints van bijzonderheden) beschreven. Hieronder volgen onze reisbelevenissen van (de eerste entree in) Senegal.
En
ook hier moet 'gewoon' worden betaald om de grens over te
mogen...
This is paradise!...
Relaxen, ontspannen en ook nog eens nix doen...
Quel meur...
Parijs (Maarn) - Dakar: We did it!!...
1 Visum, meerdere visa...
Camperen op straat, yek...
Hoezo dirt-road, piste, pot-holes en wasborden ook nog...
Grensovergangen zijn (tot op
heden) écht niet goedkoop
Zo gauw als toegestaan rijden we onder de slagboom (van Mauretanië) door. Wat
een heerlijk gevoel geeft dit, weg uit Mauretanië! Ondanks dat Mauretanië ook
heel veel mooie kanten kent, is het niet direct 'ons landjie'. Na de slagboom
is, een kilometer of 3-5, een stuk niemandsland. Vervolgens een brug en dan de
volgende grenspost: Senegal. 'Lastiger (lees kostbaarder) dan Mauretanië kan
het toch niet worden'. Jammer, toch wel! De meest gangbare grenspost
Mauretanië-Senegal is bij Rosso. Aangezien de verhalen de ronde doen dat dit
niet een gemakkelijke (lees goedkope) grenspost is dachten wij slim te zijn en
de andere grenspost aan het einde van de dam te nemen. Wat wil nu het geval,
aangezien deze grenspost nogal afgelegen is, is de controle van hogerhand op het
doen en laten van de douanees ook minimaal. Vandaar dat deze 'vriendelijke'
mannen 40 Franse Franken vragen om de brug (van 10 meter!) te mogen passeren,
100 Franse Franken eisen om een stempel in het paspoort te zetten (La Policia is
ook hier het kostbaarst) en als klap op de vuurpijl ook nog 50 Franse Franken
vragen voor het stempelen van het Carnet ('paspoort' van Shaggy). Grensposten
zijn niet goedkoop!! Bij elkaar toch effe 190 Franse Franken (illegaal!). Samen
met de vrienden van de Mauretaanse douane toch een kleine honderd piek kwijt aan
afpersing. Hmm, no good.
Met pijn in de portemonnaie rijden we
een kleine honderd meter verder voor onze eerste stop in Senegal
Uiteraard niet om hier al van dit prachtige land te genieten, neen de
verzekering van de auto kan hier worden geregeld. Perfect! Een vriendelijke,
mooi geklede dame doorloopt rustig met ons de verzekeringsformaliteiten. Hooguit
tien minuten later staan we weer buiten. Voorlopig geen gedonder meer met
(kostbare) autoverzekeringen aan de grens. De aankomende vijf maanden zijn we nu
verzekerd, ideaal! Het loopt ondertussen tegen half zeven. In een klein half uur
zal het donker zijn. In Nederland misschien niet echt een probleem, hier des te
meer. In het donker, op niet verlichte 'wegen' zien we de ossekarren, fietsers,
voetgangers, auto's zonder licht etc. zo slecht. That's no-fun! Daarbij komt, en
dit is geen geintje, de mensen zijn hier redelijk donker qua huidskleur. En echt
waar, in het donker vallen de locals al helemaal niet op...
Bijna donker dus, niet ideaal
We drukken het gas in en 'spuiten' weg van richting paradise! Paradise? Ja
paradise, oftwel het paradijs. Ronald en Margriet hebben al eerder in Afrika
rond gereden (1998). Tijdens hun eerste overland hebben ze de nodige tijd
doorgebracht op camping L'Ocean, volgens hun een toppertje. Ook twee Engelse
overlanders (Jaqui en Andrew) waren nogal enthousiast over deze camping, volgens
hun: Paradise! Dat willen we dan wel eens zien.
Pistes, potholes en wasborden
Het 'wegspuiten' verliep toch anders dan gedacht. Binnen enkele meters stonden
we 'oog in oog' met een enorme pothole. Remmen! Voorzichtig er om heen, gas!
Want het is bijna donker en we willen naar het paradijs. Remmen! De volgende
pothole, en de volgende, en de volgende... Een dikke tien kilometer kl... piste
met heel erg veel wasbord. Zo dat benne nog eens vaktermen. Pistes, potholes en
wasborden. Effe kort dan. Pistes zijn (voor ons) niet verharde wegen, potholes
kuilen in de weg en wasbord niets meer of minder dan ribbels (vaak heel kort op
elkaar) in de weg. Het rijden over dit soort wegen is niet om happy van te
wezen. Zeker niet als het ondertussen donker is...
Een kleine controle nog en dan...
Wat een heerlijk gevoel is het dan ook als we tegen kwart over zeven eindelijk
het asfalt van St. Louis oprijden! We zijn moe. We willen naar het paradijs en
rap. Nog even geduld, ook hier hebben we namelijk road-blocks. 'Niet nu he.
Rustig aan mop, gewoon vriendelijk lachen. Zijn we zo klaar.' 'Bonjour monsieur,
ca va? Ca va, rijbewijs en verzekering s'il vous plait'. Dat klinkt vriendelijk,
hij zegt alstublieft! Dat is lang geleden. We tonen de monsieur onze papieren.
'Prima in orde, dank en tot ziens'. Soepel! Paradise, here we come.
Toch konden wij het paradijs pas aanschouwen nadat wij eerst
St. Louis by night hadden gezien
St. Louis is niet direkt een kleine stad, zeker niet. Het kenmerk van niet
kleine, oftewel redelijk grote, steden is dat zij vaak veel verkeer en mensen op
de straat hebben. Zo ook St. Louis... Nog leuker, tijdens de Ramadan is het 's
avonds helemaal een chaos op straat!! Stel je voor: je bent moe, helemaal door
elkaar geschud, hebt twee grensovergangen achter de rug en het enige wat je nog
wilt is rust. En dan beland je, tijdens de Ramadan, in het donker in een grote
stad, zonder verkeersregels en borden, met heel erg veel mensen en heel erg veel
verkeer (weinig auto's maar heel veel ossekarren, ezelkarren, fietsen, kippen,
geiten, schapen etc.) en heel erg veel rook en stof, en .... Shit wat een
ellende!! O ja, en dan rijden we ook nog verkeerd... Yep, de dag was comnpleet.
Dit is dus ook (wereld(s))reizen!
Gelukkig reed Judith en kon ik rustig foto's maken (grapje). Om eerlijk te zijn,
Judith en ik beleefde dezelfde situatie heel anders. Logisch want Judith moest
met al die gekkigheid wel onze Shaggy heelhuids op de camping zien te krijgen.
Ik daarentegen kon genieten van deze 'georganiseerde' chaos. Tuurlijk, ook ik
moest meekijken maar toch. Dit zijn toch ook de momenten waar we het voor doen.
Die mooie/onvoorziene (soms lastige) situaties, als we eigenlijk al 'volzitten'
met indrukken, juist die momenten zijn zo intens.
En dan is daar inderdaad het 'paradijs'. Aan het water, wit zand, mooie beplanting, vriendelijke peopletjes, een relaxte bar, net restaurant en rust! Man, dit is lekker. Dan valt echt even alles van ons af. Ontspannen. Een beetje het Zwitserleven met Amstel gevoel. We 'vallen' in de bar, drinken (te veel) bier en genieten!! Eten de buikjes rond aan Filet de Capitain, drinken nog wat bier, eten nog wat...slaap.
Vijf dagen lang relaxen, ontspannen en ook nog eens nix
doen
Bijkomen ook wel. Terugkijkend blijken het behoorlijk intensieve weken te zijn
geweest. Eigenlijk al vanaf begin Marokko. Zoveel indrukken, zoveel kilometers,
zoveel anders. Dat is hard 'werken' hoor. We hebben even de tijd nodig om een en
ander een plekje te geven. Reflectie.
Overigens was het ontspannen ons die nacht/ochtend nog niet echt
gegund. We hadden namelijk 'vrienden' op bezoek. Deze 'vrienden' hielden helaas
geen rekening met onze private zone. Sterker nog, zij konden ons bloed wel
drinken. Dat deden zij ook... De familie mug was op bezoek. Met aanhang wel te
verstaan. Een kleine schatting: pakweg 15-20 lieve kleine muggen. Met als gevolg
veel, heel veel muggenbulten! Het, welbekende?!, kenmerk van muggenbulten is,
dat zij nogal jeuken. Echt waar!! Gecombineerd met de familie vlieg die tijdens
het ontbijt hun opwachting maakte was dit een klein minpuntje aan het,
inderdaad, paradijselijk mooie plekje. Met de nodige (schoonmaak)aggressie, met
behulp van diverse spuitbussen hebben wij een einde gemaakt aan het verstoren
van ons geluk. (nacht)Rust!
St. Louis bestaat uit drie delen: het
vaste land, het eiland en het vaste land achter het eiland
Snappen jullie het nog? St. Louis heeft namelijk twee bruggen met daar tussen in
een, in Frans koloniale stijl bebouwd, eiland. Mooi! De camping bevindt zich op
het tweede vaste land. Naar het eiland is het vanaf de camping een klein half
uurtje lopen. Een leuk stukje: langs de Senegal rivier, door de 'visafslag',
door de vuilnisbelt, langs de markt, over de brug en ineens een hele andere
wereld.
De 'wereld' na de brug (het eiland op) is opgeruimd, heeft mooie
gebouwen, asfalt wegen, een parkje, mooie beplanting, niet al te veel mensen op
straat en redelijk frisse lucht. De 'wereld' voor de brug daarentegen heeft
zandwegen, veel stof, veel ossen-, ezel- en paardenkarren, heel veel mensen,
geiten en honden op straat, een drukke markt en een enorme stank! Heus waar,
drie vingers in de neus is niet voldoende. Hoe kan dat dan? Wel, in dit deel van
St. Louis is de visuitdroogplaats gevestigd met daarnaast nog een soort van
vuilnisbelt. Een combinatie die echt elk reukorgaan op hol doet slaan. Quel meur
zou Richard zeggen. Toch blijven dit soort plekken wel in het geheugen hangen
(hoe kan het ook anders). Juist niet van de 'negatieve' stank kant, maar veel
meer van de juist positieve vriendelijke, vrolijk geklede mensen kant. Ondanks
dat de leefomstandigheden misschien niet je van het zijn, waren de mensen
vriendelijk en netjes. Bijzonder!
Naast relaxen en lekker rondlopen in St. Louis was er toch ook wel wat werk aan de winkel. Intern onderhoud aan Shaggy. Wat een stofbende in de auto en tent. Wassen en schoonmaken dus. Al met al toch een dag of twee bezig geweest om alles schoon te krijgen, ja met de handjes he! Wassen met de machine is al heeeeeel lang geleden. 'Hard' werken, hard ontspannen.
Er is een tijd van komen en een tijd van gaan
Na zoveel 'ontspanning' komt dan toch dat onvermijdelijke moment van vertrek.
Door naar Dakar! Dé Parijs-Dakar heeft voor ons toch wel iets. Ja wat dan?
Goede vraag, wat dan. Misschien wel het feit dat niet al te veel mensen deze
tocht maken. Iets bijzonders dus? Misschien wel het doorzettingsvermogen wat
nodig is om het te voltooien. Misschien wel de mystiek die er omheen hangt.
Misschien wel... Tja, lastig te verwoorden. Het kan eigenlijk zoveel zijn, maar
in ieder geval iets bijzonders. Vandaar Maarn-Dakar, iets bijzonders en leuk om
naar uit te kijken.
Nee he, niet weer een 'pees'camping...
De route is niet direkt bijzonder, asfalt, tout le droit (oftewel rechtuit).
Niet al te laat weg, want Dakar is een grote stad met alle geneugten en
beperkingen die daarbij horen, zoals ochtend en avond spits... Dakar heeft geen
(echte) camping. Wel campementen (met huisjes) waar gecampeerd kan worden. Via
via hadden we campement Monaco Plage doorgekregen, als zijnde 'een prima plek om
te camperen'. In essentie klopt dit ook. Een prima plek om te camperen: aan/op
het strand, een mooi uitzicht op Ile (eiland) de Gore, redelijk schoon en zelfs
een beachbar aanwezig. Oke, de toiletten waren vies en de douche zonder water
maar dat was nog wel te accepteren geweest (Judith vindt overigens van niet...).
Vervelender waren de 'stelletjes' die af en aan liepen naar de kamertjes achter
onze campeerplek. Wat the f... is dit nu weer. De meeste stelletjes bleven een
uurtje of anderhalf binnen, dronken nog wat aan de bar en vertrokken vervolgens
weer. Hmm, dit riekt naar...
Druk, druk, druk
De volgende ochtend de spullen maar weer ingepakt. Ronald en Margriet wisten
gelukkig aan de andere kant van Dakar nog een prima campeerplek. Dít was dus
wel een campeerplek waar we het een week konden volhouden! Een week? Yep, er
moest namelijk nogal wat worden geregeld. Visa. Het vervelende feit wil dat het
regelen van een visum niet altijd ff eenvoudig is. Zeker niet als dit bij de
ambassade van Mali, Guinee of Burkina Faso is, toch?! Het begint met het vinden
van de ambassade. Men neme een taxichauffeur en vrage hem ons te brengen naar de
ambassade van Mali. 'Weet u waar de ambassade is? Ja hoor, no problem'.
Nog wat
onderhandelingen over de prijs en vertrekken maar. Door de ochtendspits, langs
rijen bedelaars (met en zonder armen of benen, verminkt, ziek, gezond), langs
rijen verkopers (van niet noodzakelijke 'handy' items), langs andere taxi's,
langs een prachtige moskee, door drukke straten, naar de ambassade van Mali
(wauw, dat benne al weer veul indrukken zo 's ochtends vroeg). Helaas blijkt
deze kortgeleden te zijn verhuist... Dan vragen we het toch gewoon even bij de
ambassade van Japan! Oke, met een kleine omweg maar we komen er wel! Een dikke
Mercedes voor de deur (van wie zou deze nou toch zijn...). Een nieuw gebouw,
mooi schoon en koel. Even zoeken naar de juiste kamer, invullen van twee
dezelfde (Franse) formulieren, pasfoto's erbij, betalen en morgen weer ophalen.
Dat ging sneller dan verwacht! Perfect. Taxi scoren, terug naar de campsite,
koffie!
De nieuwe campeerplek was er eentje om te koesteren: omringd
door bomen, aan een aangelegd zandstrand (voorzien van rieten parasols), met een
door de zon verwarmde douche, schone toiletten en ook nog eens met restaurant.
Het Casino, de disco en supermarkt 300 meter verderop, taxi's 200 meter
verderop, wat willen we nog meer. De dagen staan dan ook in het teken van
huishoudelijke klusjes, onderhoud aan Shaggy (olieverversen, filters vervangen,
de smeernippels van nieuw vet voorzien) en Dakar bezoeken.
Zoals gezegd, Dakar is een grote stad. Met alle geneugten en beperkingen die
daarbij horen. De eerste keer dat we naar Centre Ville gaan is dit ook
indrukwekkend. Gewaarschuwd als we zijn voor alle verkopers en tasjes dieven
'bewaken' we onze portemonnaie dan ook als ware het de president van Amerika.
Dit is niet bevordelijk voor de persoonlijke gemoedsrust kan ik zeggen. 'Paul ik
vind hier echt niks aan hoor. Juutje, rustig nou we zijn bijna bij hotel
L'Independance waar we ongestoord op de 17e verdieping een bakje koffie kunnen
doen op het dakterras. Dat kan best wezen, maar ik wordt helemaal gestoord van
al die lui die zo dicht om me heen lopen. Nog een paar honderd meter, volgens de
kaart, we zijn er echt zo. Hmm.' Met enig geluk bereiken we inderdaad in een
paar minuten het bewuste hotel, alwaar we met een prachtig uitzicht genieten van
een welverdiend bakje koffie. De persoonlijke ruimte wordt in Dakar niet
gerespecteerd. Althans niet volgens Nederlandse begrippen. Anders dus. Wennen
dus.
Vanaf het dakterras 'bereiden we ons voor' op de wandeltocht
die nog gaat komen
De hoofdstraat, Avenue G Pompidou, is aan beide kanten voorzien van allerlei
'marktkraam'-achtige stalletjes. Gezellig, ietwat druk. Het belangrijkste
kenmerk van een 'goede' verkoper in Dakar is zijn volhardendheid. Geloof me,
volhardend zijn ze! Negeren lijkt de beste remedie, alhoewel een flinke
scheldkanonade van Juutje ook zijn uitwerking niet mist... Toch willen we dit
soort indrukken niet missen. Oke, op het moment van zijn ze niet altijd even
leuk, maar daarna des te leuker! Om de gekte van driehonderd meter Avenue G
Pompidou te 'ontvluchten' duiken we Ali Baba in. Ali Baba is dé lokale 'snack'tent
van Dakar. Overheerlijke broodjes met vlees, patat, ui en nog wat
ondefinieerbare zaken; erg lekker. Denk niet dat we dan aan de verkooptalenten
kunnen ontsnappen, echt niet. Voor de ramen van Ali Baba ontstaat een ware
modeshow. Zo gauw we door het raam proberen te kijken wordt de een of andere
broek, t-shirt, zonnebril of wat dan ook omhoog gehouden in de hoop dat we
direkt naar buiten sprinten om het bewuste artikel te kopen. Dat we niet
geinteresseerd zijn lijkt de verkoper niet te deren, hij is volhardend...
Op de terugweg 'pakken we nog net het namiddag gebed mee'
Een moslim dient vijf keer per dag te bidden, das best vaak! En om dat niet
te kunnen vergeten staan op elk strategisch punt moskeeën opgesteld. Ook aan
een giga drukke straat, midden in het centrum van Dakar.
Zo
gauw in de moskee het gebed begint lijkt iedereen in de buurt alles uit zijn
handen te laten vallen en volgt in het gebed. De reden hiervoor is ons
ondertussen duidelijk (die gaan we hier niet uitleggen). Het is zelfs knap dat
(nagenoeg) elke moslim dit gebed zo trouw volgt. Nogmaals: vijf keer per dag is
best vaak! Wij lopen dus door deze straat, tussen tientallen misschien wel
honderd biddende mensen. Midden op straat! Kun je voorstellen wat een impact dat
heeft op zo'n drukke straat. En toch levert het geen problemen op. Auto's,
brommers etc. rijden netjes om de biddende menigte heen. Iedereen wordt in zijn
waarde gelaten, er valt geen onvertogen woord. Knap!
Ook de visa van Guinee en Burkina Faso
verkrijgen we redelijk eenvoudig, gelukkig
Voorlopig kunnen we verder. Pas in Mali is het nodig een visum voor Nigeria
aan te vragen. Hopen dat dat net zo soepel gaat als deze drie. Al met al zijn
we, ondanks dat het soepel ging, wel een week verder. We hebben de meeste
klussen kunnen klaren, zijn van top tot teen schoon en gereed voor Gambia!
Ronald en Margriet en Jacob en Arnold zijn een dag eerder al vertrokken. Met
Jacob en Arnold hebben we in Banjul (West Gambia) afgesproken. Met Ronald en
Margriet in Fatoto (Oost Gambia). Vanuit Dakar willen we in twee dagen naar
Banjul rijden. At ease, we hebben 'vakantie'. Afstanden zeggen in Afrika niet zo
veel. De kwaliteit van de weg is de alles bepalende factor. Over 300 kilometer
asfalt doen we soms net zo lang als 80 kilometer (slechte) piste. Twee dagen
lijkt in ieder geval redelijk.
Camperen op straat, yek
De eerste dag bereiken we Mbour. Een aardig dorp aan zee, veel zandpaden weinig
asfalt (alleen de hoofdweg). Het is reeds een uur of vier. Tijd om een
slaapplaats voor de nacht te zoeken. Een camping verwachten we hier niet aan te
treffen, een campement of hotel lijkt aannemelijker. We volgen de borden van het
een of andere hotel. Richting zee, het lijkt goed te gaan. Jammer, Shaggy kan
niet op de binnenplaats van het hotel komen. Next? 'He, daar staan een blanke
dame en heer, laten we eens vragen waar zij slapen. Bonjour madam, monsieur
comment allez-vous? Prima, mooi. We hebben een klein vraagje, waar slapen
jullie? Hier links, in ons eigen huis. Shit, dat helpt ook niet echt Juut. Wat
zegt u, mogen we bij u slapen. Dat is nog eens aardig! Kunnen we onze LR ook bij
u binnen de poort parkeren? Neen. Hmm, balen. Wat zegt u, we kunnen wel naast uw
huis parkeren en daar in onze tent slapen?! Hmm, wat denk jij Juut? Ik heb er
geen goed gevoel bij Paul. Joh Juut maak je nou niet druk, die mevrouw zegt dat
dat best kan hier. Hmm.' Om een lang verhaal kort te maken, we hebben de auto
naast het huis geparkeerd, met prive bewaker en toch (heel) beroerd geslapen. 's
Avonds wel heel erg lekker gegeten, dat maakte erg veel goed...
Dit wordt een hele lange dag...
Met de wallen onder de ogen stappen we om half acht 's ochtends in de auto
(zo vroeg zijn we nog nooit vertrokken!) om onze weg te vervolgen. Een slechte
nachtrust is normaal gesproken al niet prettig, maar helemaal niet als blijkt
dat de weg langzaam aan veranderd in 'your worst nightmare'. Een afwisseling van dirt-road, piste, pot-holes en wasborden
ook nog. Soms zelfs allemaal tegelijk. Het feest is compleet. 'Gelukkig' dat we
zo vroeg in de auto zaten... Om Banjul te kunnen bereiken moeten we de grens met
Senegal en Gambia passeren en ook nog eens met de pond over de Gambia rivier.
Kleine bijkomstigheid, deze pond gaat 'elke paar uur' (en dat is een ruim begrip
in Afrika...).
1:
Saint Louis (N15° 59' 50.4"; W016° 30' 35.6") Paradise!
2: Dakar-Monaco Plage (N14° 41' 57.6"; W017° 25' 24.0") Weer
een 'pees'camping. Overigens wel een heel mooi uitzicht op Ile de Gore.
3: Dakar-Sunugal (N14° 45' 07.8"; W017° 30' 08.8") Mooie,
rustige plek aan zee. Dit soort 'campings' zouden er meer mogen zijn. 'Le patron'
heeft aangegeven dat 'de camping' verder gaat worden uitgebouwd...
4: Mbour (een waypoint lijkt overbodig) Een leuk, bedrijvig dorp met
gezellig, goed restaurant (Le Kassoumaye) aan het water.
5: Banjul (zie Gambia voor het waypoint van camping Sukuta) De hoofdstad van
Gambia. Denk eraan, voordat je in Banjul bent nog wel ff met de pont het water
over...
Periode: 10 november - 23 november 2001