Oorsprong.

 

De Tatra hond komt oorspronkelijk uit het Tatragebergte in het zuiden van Polen. Hier werd hij gebruikt om de schaapskuddes te beschermen tegen aanvallen van wilde dieren en rovers. Nu nog worden Tatra’s voor dit werk gebruikt, al zijn er niet zo veel kuddes meer  als vroeger. Men kan nu ook Tatra’s vinden als kettinghond om de boerderijen te bewaken.

Vanwege het werk in de kudde is de Tatra in de witte kleur gefokt. Zo valt de hond niet op tussen de schapen en kan de herder goed onderscheid maken tussen de aanvaller en de hond.

 

                                                           

 

Officieel is de naam van de Tatra : Owczarek Podhalanski wat zoveel betekend als “Herdershond van Podhale” Met Podhale wordt bedoelt de “streek onder de bergweide”. Hij wordt ook wel de Goralenhond genoemd, naar de gelijknamige bergbevolking in het Tatragebergte. Bij ons in Nederland wordt de makkelijke naam Tatrahond gebruikt.

     

Karakter en verzorging

 

Een Tatra heeft een zelfstandig karakter, hij moet immers de kuddes beschermen en dat vereist eigen inzicht en daarnaar handelen. Bij alles wat hem vreemd is zal hij aanslaan. Om zijn taak als waakhond goed uit te kunnen voeren kan hij geen allemansvriend zijn. Voor mensen die tot zijn gezin behoren en voor mensen die hij goed kent, is de Tatra een toegewijde en trouwe metgezel. Hij laat zich graag door hen aanhalen en verblijft het liefst in de buurt van zijn baas. Vreemden zal hij wantrouwend benaderen en pas accepteren als de baas en hijzelf denken dat het goed is. Een Tatra is ongeschikt als kennelhond, hij mag niet uitgesloten worden van het gezin. Het is een hond die goed met kinderen om gaat, hij is heel geduldig met hen. (Laat echter nooit kinderen alleen met de hond, welke hond dan ook!) Let wel op dat de hond het voor de kinderen opneemt als ze ruzie hebben met vriendjes!

 

                                                           

 

Een Tatra zal niet snel bijten. Bij ongewenst bezoek zal hij de bezoeker in een hoek drijven en hem daar houden tot de baas thuis is. Alleen bij een fysieke aanval zal hij ingrijpen, en is hij een geduchte tegenstander. Vaak is de luide blaf genoeg om snode plannen te vergeten! Ook imponeert de hond door zich groter te maken(fiere houding, haar overeind). Wanneer iemand hem kwaad heeft gedaan zal hij dit niet meer vergeten. Vriendschap met de hond is dan voor altijd uitgesloten.

De Tatra is een rustige hond, zowel in huis als buiten. Het lijkt of ze bijna de hele dag liggen te slapen, echter ze zien en horen alles. Het speelgoed dat niet opgeruimd is en nog rondslingert wordt aangemerkt door een blaf. In geval van nood zijn ze ontzettend snel ter plaatse. Urenlange tochten met de fiets maken ze liever niet mee, een lekkere boswandeling vinden ze echter heerlijk. De hond blijft het liefst dicht bij de baas en volgt hierdoor van nature. Sommige Tatra’s zijn verzot op water, anderen blijven er liever ver van weg. Er zijn verhalen van Tatra’s die de baas hebben gered van een wisse verdrinkingsdood door er achteraan het water in te springen.

Tatra’s kunnen het goed doen op gehoorzaamheidscursussen. Het vergt wel wat initiatief van de baas omdat een Tatra na 2 maal een oefening doen het al wel weer gezien heeft. De training moet vooral afwisselend en leuk zijn voor de hond! In Polen worden de honden voor diverse doeleinden gebruikt. Ze zijn reddingshond, politiehond (ook legerhond in de tweede wereldoorlog, wat bijna een eind heeft gemaakt aan het ras) en blindengeleidehond.

 

                                                       

 

Een Tatra verliest altijd haar, buiten de rui perioden om, gewent als hij nog is aan een leven in de buitenlucht. Hij is ook graag buiten en is door zijn dikke vacht beschermd tegen alle weersinvloeden. Leeft hij in huis, moet u de haren op de koop toenemen en het liefst de verwarming een graadje lager zetten. De vacht bestaat uit een boven- en ondervacht die van nature niet klit en zelfreinigend is. Dit betekend dat u de hond niet in bad hoeft te doen, hoe vies hij ook is, de volgende dag is hij weer stralend wit. Ook veel kammen is voor de hond niet goed, u beschadigt hiermee zijn vacht. Een maal per week is voldoende, let wel op het haar bij de oren, hierin kunnen zich makkelijk klitten vormen.