Veel voorkomende problemenUit een onderzoek gehouden tussen 1995-1997 onder 664 katteneigenaars, waarvan 87 % vrouwen, blijkt dat iets meer dan de helft (54,7%) problemen heeft met het gedrag van de kat. Dat lijkt veel maar het zou wel eens zo kunnen zijn dat juist eigenaaren die problemen met hun kat hebben zich door het onderzoek aangesproken voelden en juist daarom wilden meewerken. Gemiddeld leven er 2,3 personen in de huishouding van de katteneigenaar. De leefruimte van de kat is gemiddeld 34 vierkante meter. 55% van de katten mag buiten rondlopen. En 41 % van de katten leeft solitair. 15% van de katten leeft met een hond samen. Er blijken veel problemen te onstaan door een verkeerde wijze van houden, deze is niet aangepast aan de behoefte van de kat. Professionele hulp wordt vaak niet gezocht, gevonden of geaccepteerd. Angst, het kapot krabben van meubels, moeilijkheden bij het voeren, argressiviteit en onzindelijkheid waren - in deze volgorde- de problemen die het meest voorkwamen. Enquêtes in een Duits vakblad gaven een soortgelijk beeld. Juist de omstandigheden waaronder een kat leeft hebben grote invloed op het meest genoemde probleem: angst ( en zenuwachtigheid ). In veel gevallen blijkt de kat zich niet aan bezoek, lawaai en bepaalde gezinsleden te kunnen aanpassen. Opvallend is dat families minder vaak katten houden dan alleenstaanden of stellen, maar dat ze wel meer over een kat klagen. Wie zich veel met zijn kat bezighoudt zal minder klagen dan degen die het dier vaak aan zijn lot overlaat. Wie veel ervaring met katten heeft ( een eigenaar die minstens 4 katten heeft gehad ) klaagt minder over problemen dan een vergelijkingsgroep. |
Opvallend is dat problemen vaak aan elkaar gekoppeld zijn, bijvoorbeeld angst aan agressie
en eet aan krab- aan eetproblemen.
Onzindelijkheid en agressie zijn het best te verhelpen, eetproblemen zijn slecht te beïnvloeden. De meeste problemen doen zich voor bij katten tussen de 2 en 7 jaar en als ze ouder dan 12 zijn. Gecastreerde en gesteriliseerde geven meer problemen. De volgende factoren bleken geen invloed te hebben op de ontwikkeling van gedragsproblemen: * het ras. * het jaargetijde waarin de kat geboren is. * de leeftijd waarop de kat gecastreerd/gesterliseerd is. * het lichaamsgewicht. * de levensgeschiedenis. * de leeftijd waarop de kat bij de moeder werd weggehaald. * de leeftijd waarop de kat bij de huidige eigenaar is gekomen. * Het omschakelen van vrij rondlopen naar constant in huis zitten. Nog wat interessante gegevens* 73 % van de katteneigenaars speelt 's avonds met de kat.* Aan katten wordt iedere dag 2,5 uur aandacht besteed. * De meeste katten wordeden elke dag 6 uur alleen gelaten * De meest geliefde slaapplaats van een kat is het bed van de eigenaar. * 77,8 % van de katten heeft een krab-, klim-, of slaapboom * 33,9 % krabt aan de bank, 21 % aan een voetmat en 18 % aan het tapijt. * 16 % van de katten leeft met heun potentiële prooidier samen. ( vogels en kleine knaagdieren ) |
|