Mijn god, het lijkt Romeo en Julia wel. Ik vind dan dus eigenlijk dat zij er nu achteraan moet...(maar dat mag ik vast niet zeggen want dat is zo cru)(maar wel verdomde romantisch!)
En jawel, er is er nog één! Dit maal van Lotte, die al een tijdje terug is met een fantastische site. Stokje nummer twee gaat over plaatjes….
1. Welke foto is je het meest dierbaar en waarom? Mijn god, wat een moeilijke vraag. Ik heb honderden foto’s die me heel dierbaar zijn. Om er daar maar één uit te kiezen is knap lastig. Tering… Nou, dan denk ik dat ik ga voor een foto die in mijn woonkamer staat: afgebeeld staan mijn beste vriendin en ik. Zij heeft de foto genomen, de camera voor haar uitgestoken terwijl ze mij een dikke kus op mijn wang geeft. We zijn allebei volledig uit ons dak (op Lowlands, 2000 denk ik), en ik heb daar uitermate goede herinneringen aan…ghehe.
2. Met welk beeld viel je gisterenavond in slaap? Met dat van een treurige, bleke, 18 jarige, cokesnuivende, losneukende, jongen uit Amerika. Door het lezen van het boek ‘Less than zero’, van Brett Easton Ellis (jeweetwel, die van American Psycho)
3. Wat is het laatste plaatje dat je hebt gezien? Hmm…een foto van mezelf. Deze.
4. Waar komt je passie voor foto's vandaan? Door een passie voor zien in het bijzonder en kijken in het algemeen. Mooie dingen willen vastleggen.
5. Wie mag deze vragen na jou beantwoorden en vanwaar je keuze? Van mij mag Meentje deze vragen beantwoorden, als ze wil. Omdat ze een mooie blik heeft. Op het leven, denk ik, en op beeld…dat weet ik zeker.
Van Web-log mocht ik een stokje vangen, als reactie op mijn vorige stukje: waarvoor mijn dank! Dus bij deze...
1. Wat is de totale grootte aan muziekbestanden op je computer? Na een op- en aftelsommetje in verband met filmbestanden: 11.45 GB
2. Wat is je laatst gekochte cd? Jet – Get Born
3. Wat is letterlijk het laatst geluisterde nummer voor je dit bericht las? Rollover Beethoven – in een versie van Sander die hij nu aan het spelen is. Al mijn laatst geluisterde liedjes zijn zo ongeveer van Sander, omdat’ie met zijn lieve pootjes niet van de gitaar af kan blijven. (godzijdank is het een multi-muziektalent, anders zou ik er wel eens helemaal gek van kunnen worden)
4. Geef vier nummers door die je heel vaak luistert of veel voor je betekenen. Whitetown – never be your woman Blind Melon – No Rain Bjork – There’s more to life than this Tom Petty – Last dance with Mary Jane
5. Aan welke persoon geef je het stokje door en waarom? Jezus. Ik heb dat stokje gebeuren niet zo bijgehouden en dus is het vast al op heel veel sites aan bod gekomen. Reageer gewoon even als je hem wilt hebben!
Niet dat het me uitmaakt natuurlijk, dat wil ik bij voorbaat vast maar even tegen je zeggen. Het maakt me niks uit, echt. Geloof je me? Maar het is toch best frappant hoe snel je in dit weblogwereldje in de vergetelheid raakt. Dat mensen je vergeten te zoeken, of je gewoon niet meer vinden. Dat er meetings zijn waar ik geen weet van heb. Dat ik geen mailtjes krijg met zeurende vraagtekens. Of ik als-je-blieft wil komen. (aaaah…aaaaahhhhhh…je komt toch wel?!!!???)(op hun knieën moesten ze, en dan zei ik op de dag zelf: ‘Nou, ik denk dat ik misschien wel even langswip’)(en dan was het FEEST in wegblogland! FEEST, ik verzeker je, zoals het nooit FEEST was geweest.) Dat ik bij lange na niet zoveel hits meer heb als ik had. En dat zoiets onbenulligs me eerst niks uitmaakte (Heus!), maar dat het me nu begint te irriteren, mijn eilandje in weblogland. Nergens meer gelinkt worden. Geen verrassende mailtjes van onbekenden. Nog drie weken die kut-koleire-school en dan zal ik jullie eens een poepie laten ruiken. De echte hoogst officiële comeback van Kris Magalles. Helahola, da’s niet niks. Buigen zullen jullie, lezers en medeschrijvers, knielen, vereren en excuseren. Maar tot die tijd: vertel me alles over die meeting. I want some juicy details…..
Karin en ik waren in slaap gevallen vanaf het moment dat we gingen zitten. Vlak voor Rotterdam Centraal werden we wakker geschreeuwd door een kaartjesknijper. Dat doen ze express, ik vertel het je. Net even de volumeknop een poepie harder: “Vervoersbewijzen ALSTUBLIEFT!”. In een split-second zaten we rechtop met wijd opengesperde ogen en trokken mechanisch de OV’s uit onze zak. Achter ons rende een meisje weg. ‘Die heb geen bewijs maar me collega pak d’r wel beneje!’, bulkte de kaartjesknijpert kordaat en liep op de reisgezellin van het vluchtmeisje af. Een donker meisje, met een jonge baby op haar buik. Zenuwachtig rommelde ze wat in haar tas. ‘Jij heb zeker ook geen kaartje, net als die vriendin van je.’, constateerde kaartjesknippert. ‘Ik kan het niet vinden meneer’, reageerde ze schuldbewust (het zweet brak haar nog net niet uit). ‘Lekker is dat,’ begon kaartjesknappert, ‘maggie in zo’n mooi land wonen, en dan heppie nie-eens het fatsoen een kaartje te kopen. Maar we pakken jullie wel.’. Jezus-christus-op-een-rubberen-kruis, het is de KaartjesGestapo! De KaartjesKnippertRacisten-Klup is in het huis (Olé, olé!)! Oetlul. Ik maakte me boos. Ik maakte me bestwel erg verdomde boos. Hoe haalt hij het in zijn hoofd. Wat heeft het hebben van een kaartje te maken met waar je vandaan komt, hoe je er uit ziet? ‘Laat mij dan maar effe je verblijfsvergunning zien.’. Verblijfsvergunning? Hoe kan die kaartjesklootzak dat nou weten, het meisje spreekt vloeiend Nederlands! Ik maak me boos en sis mijn woede naar Karin. ‘Als hij nog zoiets zegt, dan zeg ik er iets van hoor.’, fluister ik dreigend (oehhh…stoer hoor, Kris). De situatie kalmeert. Kaartjesknoppert heeft de coupé verlaten.
Ik was weer eens boos. Ik deed weer eens niets. Kuthypocriet.
Midden in een innig kroeggesprek tussen mij en een vriendin besluit een semi-bekende aan te schuiven. Met een beleefd: ‘Mag ik erbij komen zitten’, effent hij zijn pad, wetend dat wij daartegen niets in gaan brengen. ‘Natuurlijk’, verzucht ik, ‘neem gerust plaats’. De Vriendin en ik kijken elkaar gelaten aan. ‘Hoe was jullie oud en nieuw?’, opent hij. Na drie regels uitleg van de één en drie regels uitleg van de ander besluit hij dat het zo wel genoeg is geweest en neemt het gesprek over. Typisch mannenkenmerk: Het Overtreffende-Trap-Syndroom. Was jullie feest leuk? Het mijne was leuker! Ben jij lekker uit eten geweest? Ik lekkerder! Was jij lam? Ik was lammer! Vermoeiend, werkelijk waar, en god is helaas niet zuinig geweest bij het uitdelen van die kwaal. Eten, daar wilde meneer het wel eens over hebben. Want o-o-o wat waren zijn kookkunsten ge-wel-dig en on-na-volg-baar. “Heb je wel eens groentetaartjes gemaakt? Nee? Joh, dat is zó makkelijk! Het werkt het beste als je de ingrediënten raspt, ja, echtwaar!”, of “Beetje trassie hier, lombok daar, en natuurlijk wakamé!”. Ik háát het wanneer mannen verlekkerd over koken praten. Ik vind dat irritant, wijverig en glad (nee, het stoort me eigenlijk het meest dat ik geen idéé heb waar hij het in godesnaam over heeft en halverwege het gesprek, wanneer hij vraagt of ik dat-en-dat wel eens heb geprobeerd te maken, met het schaamrood op mijn wangen moet toegeven dat ik 95% van de ingrediënten niet ken.). ‘Ga weg!’, dacht ik steeds zo geconcentreerd mogelijk om mijn super-tele-pha-kar-mha in te schakelen. Maar hij bleef. En nu zit ik thuis. Met een kaartje in mijn hand:
Groentetaartjes
1/2 courgette 1/2 winterpeen Uitje                            --> Alles raspen (grof) 60 gr. Feta Gehakte peterselie
Paar eetlepels bloem, Zout, peper, kerriepoeder enz. Geheel hussen, ei d’rbij en in de pan!
En ik voel me nog verplicht om het te gaan maken ook…
Commentaren op de weblogactie las ik op MKT. Daar zijn een aantal mensen van mening dat de ‘weblogs op wit’ een zinloze actie is, ‘je ogen sluiten voor alle ellende in de wereld’. Je ogen sluiten voor alle ellende in de wereld, da’s nogal een uitspraak, patjepeeër. Dus omdat mensen besluiten zich aan te sluiten bij een actie t.b.v. die tsunamiramp, sluiten zij hun ogen. Hm-hm. Ja. Nee, oké. Dus, als ik het goed begrijp: álle ellende in de wereld. Grappig. Terwijl die webloggers meestal vrij veel woorden vuil maken aan het hoe en waarom van het gebeuren op deez’aard. Kan ze best iets schelen. Niet dat het iets helpt, nee, natuurlijk niet, het helpt geen flikker (behalve de flikker die zelf een weblog schrijft en daar helemaal-te-blij-van-wordt), helemaal niks nee. En nu, voor één keer, hebben we die nietszeggende lading woorden maar eens de deur uitgekieperd. Omdat zo’n lullig algemeen dingetje hoogstwaarschijnlijk meer zoden aan de dijk zet dan al ons gezeik bij mekaar. Omdat zo’n lullig zwart/wit/rood plaatje met gezellige linkjes misschien een deel van de weblogsurfende bevolking iets laat zien. Ze laat klikken. En ja, natuurlijk waren mensen ook zonder onze kut-weblogjes op de hoogte geweest van de actie. Godallemachtigjezuschristus wat een kutlogica: ‘Alsof ik nog niet weet hoe erg het is én dat er vandaag een grote TV en Radio actie is’. Nee sufkut, nee, jij weet inderdaad nog niet hoe erg het is. En ja, voorhuid, je weet waarschijnlijk wel dat er een radio en tv actie is. Knap zeg, dat je dat wéét. Driewerf hoera en vele malen hulde. Bedankt voor je commentaar. Tot ziens.
Saamhorigheid, Kris….adem in….saam-ho-rig-heid….adem uit… saam-ho-rig-heid…adem in.
En jullie nieuwjaren natuurlijk ook, dus bij deze: gelukkig nieuwjaar. Mooi, hebben we die formaliteit ook weer gehad. Alle vingers nog? Check. Trommelvliezen heel? Check. Kater voorbij? Check? Goed, alles in orde dan dus. Met volle moed het nieuwe jaar in. Twee-duizend-en-vijf. Daar had ik vroeger best ideeën over, dat jaartal. Toen ik 10 was, in ‘91, toen ik nog siencefiction-achtige fantasieën had, toen dacht ik dat we rond deze tijd wel in floathing space cars rond zouden vliegen. Eten koken? Ben je gek, daar hebben we een magnemultatron voor. Toets in wat je wilt, even wachten ….eten! Via een chip achter mijn oor vraag ik informatie op voor bij het eten. Beursstanden, plastische chirurgie, muziekvideo’s. Info over de meest trendy nieuwe toetjes. You name it. Alles binnen handbereik, dacht ik. Maar zover zijn we nog niet. Nee hoor, wij moeten het nu vooral hebben van precisiebombardementen en blenders. Ook fijn. En wij zijn anno 2005 nog steeds dol op vuurwerk. Jezustering, wat ik gister weer aan euro’s de lucht in heb zien vliegen. Ik stond voor een raam boven in het huis van vrienden. Het was een hoog raam, ik stond met een ander meisje op mijn tenen naar buiten te kijken (nee, zij niet óp mijn tenen, zij óók op haar tenen). Het was koud binnen, waardoor onze adem de ramen besloeg. We veegden het zorgvuldig met onze mouwen weg om maar niets te missen, maar het was buiten zo rokerig dat het niet bijster veel uitmaakte. Na een minuutje of wat ‘spektakel’ draaide zij zich naar me toe. ‘Ik vind er niks aan, wat een geldverspilling, zullen we terug naar benee?’. En terecht. We gingen op een rustig plekje zitten met een alcoholische versnapering, en voelden ons vele malen intelligenter dan vuurwerkverspillend Nederland. (Ik zou bijna zeggen: had dat vuurwerkgeld in godesnaam naar Azië gestuurd, ware het niet dat ik net zelf een zeer mooi maar volledig onnodig truitje heb gekocht.) (en twee nieuwe bh’s.) (nee, ja, oké…ook een dvd.) (sorry). Sorry. Iedereen was van de kaart. Er werd gekust, veel gekust. Er werd gedronken, gesnoven en geslikt. ‘Wij geloven niet in god, dus ons kan hij sowieso niets verbieden’, riep een enthousiaste feestganger. Hoe vroeger het werd, hoe minder zinnigs er werd gezegd, hoe minder ik ging geloven dat aankomend jaar verbetering zou brengen. Met dit stelletje zeker, wereldverbeteraars van lik m’n reet. Ik zette maar weer een fles bier aan mijn mond. Godverkut. En terwijl de klok de tijd wegtikte, tikte de gefrustreerde gedachten steeds zachter tegen mijn hersenpan. Toen het 8 uur ’s morgens was hoorde ik er niets meer van. Ik lag en verdronk. In de bank, in Sander en in het bier. Ik verdronk en Sander redde me. ‘Ik neem je mee pop’, fluisterde hij terwijl hij me licht loensend aankeek, ‘Ik neem je mee naar huis.’. Ik kuste hem. ‘Tjot vjolgjend jaaj ljiefje’, murmelde ze, en sloot haar ogen.
Ps. voor Gigi: Je bent toch niet vergeten dat je me wat zou mailen hè? kris@magalles.nl. Wel doen.