Naambord aan de gevel van het A.M. de Jongmuseum.
Het A.M. de Jong-museum is opgericht in 1974. Dit museum is een eerbetoon aan de in Nieuw-Vossemeer geboren schrijver A.M. de Jong (1888-1943). Deze schrijver is vooral bekend geworden door zijn streekroman Merijntje Gijzen. Deze streekroman is verfilmd. Ook is er een gelijknamige TV-serie van gemaakt.
In het schrijversmuseum wordt niet alleen aandacht besteed aan A.M. de Jong. U maakt ook kennis met zijn vrienden en tijdgenoten, het leven op het platteland en de geschiedenis van zijn geboorteplaats. In het museum ziet u ook het winkeltje van Timmermans en een café-inrichting van het voormalig café De Congo.
Het museum beschikt over oude films van het dorp Nieuw-Vossemeer en de inwoners.

Veel films bestaan er dankzij dokter Vermet, die tientallen jaren de huisarts was, hij filmde al in de 40-er jaren.

U kunt in het museum beelden zien van de  bevrijding, de watersnood, de wederopbouw, het bezoek van weduwe Roosevelt, het leven in het dorp, de wielerkoers en de prachtige natuur.

Er zijn ook films te zien van burgemeesterszoon Pieter Janssens en filmmaker Johan Adolfs.
In de zeer vroege ochtend van zondag 1 februari 1953 voltrok zich ten gevolge van de zware aanhoudende storm en springvloed de watersnoodramp van 1953.
Op veel plaatsen liepen de dijken van de Eendracht over, waardoor binnen korte tijd gaten van soms wel 100 meter in de dijk sloegen. Ook in de binnendijk van de Boerengorspolder in de Paardenhoek viel zelfs een gat. De bewoners van het dorp waren 's nachts met de sirene gewaarschuwd voor het dreigende onheil, maar niemand had dit in de verdere omgeving van het dorp ten gevolge van de loeiende storm gehoord. Vanuit de Paardenhoek waren de mensen in de rampnacht al op eigen gelegenheid naar het dorp op de Hoogte gevlucht. Doordat op de Nieuw-Vossemeersedijk in de Paardenhoek het elektriciteitshuis door het geweld van het water werd weggeslagen verkeerde het dorp in een mum van tijd in een volledig isolement want alle verbindingen waren hierdoor vernield.
Ook in de omliggende polders, met name bij de Pelsendijk, voltrok zich het onheil. Het gehele dorp en zijn polders kwamen onder water te staan en veel mensen, 50 in totaal, zijn er verdronken. Ruim twee dagen lang zat de bevolking in het rampgebied opgesloten voordat de redding en evacuatie op gang kwamen.

In het A.M. de Jongmuseum is een permanente afdeling over de watersnoodramp 1953 ingericht.
In het A.M. de Jong - museum is het interieur van het café van "Hellemons" opgesteld en te bezichtigen. Het oorsponkelijke café De Congo was in de 20e eeuw een huiskamercafé in het buurtschap Notendaal en het café was in de wijde omtrek bekend als het Café van Keeke de Congo.
In het museum vindt u boeiende handschriften
In het A.M. de Jong - museum is het interieur van het café van "Hellemons" opgesteld en te bezichtigen. Het oorsponkelijke café De Congo was in de 20e eeuw een huiskamercafé in het buurtschap Notendaal en het café was in de wijde omtrek bekend als het Café van Keeke de Congo.
 
In het A.M. de Jongmuseum worden de passies van A.M. de Jong belicht.
Wie aan A.M. de Jong denkt, denkt aan Merijntje Gijzen.
De onbekende moordenaars werden na de oorlog
bekend.... De moord was er één in de reeks
Silbertanne-moorden.
“Ik houd van het leven, dat weet je. Ik houd er meer   van dan ik zeggen kan.

Maar ik geloof dat een mens zijn lot niet in eigen handen heeft.”
Tekst van A.M. de Jong die hij kort voor zijn dood
opschreef en voor ons achterliet.
Back
Next