2001     2001     2001     2001     2001     2001    2001     2001    2001
  The Beauty of the British Organ         Programma 2001       Dinsdag 16 oktober
LEICESTER   DE MONTFORT HALL

De De Montfort Hall werd in 1912 gebouwd naar ontwerp van de architecten Stockdale en Harrison. Toen de voor die tijd prestigieuze concertzaal gereed was, deed de rijke industrieel Alfred Corah een schenking aan de stad voor een orgel dat het gebouw waardig zou zijn. De City Council hoefde er niet lang over na te denken: Corah deed zijn aanbod op 20 april 1912; tien dagen later werd het aanbod in dank aanvaard.
Het werk werd toevertrouwd aan de firma Stephen Taylor & Son. Taylor was bij John Nicholson in de leer geweest en vestigde zich in 1866 als orgelmaker in Leicester. Taylor had al eerder een orgel voor Alfred Corah gebouwd, in 1896, voor de kerk van St. John- the-Baptist in Knighton. Corah, die ook organist was, noemde Taylor's pneumatische tractuur 'Simply perfect'.
In 1910 had Taylor een voortreffelijk orgel afgeleverd in de St. Peter's Church in Leicester. Niet alleen op papier vertoonde het orgel gelijkenis met de bouwwijze van Harrison & Harrison; de tongwerken werden geïntoneerd door W.C. Jones, de man die had bijgedragen aan de kenmerkende 'sound' van de H & H-kathedraalorgels in Ely, Wells, Belfast, Carlisle en Durham, en die vanaf 1908 voor Taylor en andere orgelmakers intoneerde. Met zijn orgel in St. Peter's had Taylor zijn visitekaartje afgegeven. Zijn open woodstring en prestantbassen konden qua intonatie wedijveren met die van Binns; de mensuren van de helder klinkende prestanten waren regelrecht afgeleid van die van T.C. Lewis.
Taylor had een soort pneumatische tractuur ontworpen die zeer accuraat en betrouwbaar bleek; ook vervaardigde hij een eigen registertractuur met kleine registerknopjes op een rij boven het hoogste manuaal. De firma gebruikte de beste materialen.
Het openingsrecital werd op 19 februari 1914 gegeven door Sir Watter Parratt. Het orgel vulde bijna de gehele achterwand; de indrukwekkende mahoniehouten kas was in Londen gemaakt en per vrachtboot naar Leicester gebracht. Andere recitals werden verzorgd door Balfour, G.D. Cunningham, R. Goss Custard, E. Lemare, A. Meale en A. Hollins. Allen waren eensgezind in hun enthousiasme over het orgel. Er werd echter geen stadsorganist benoemd, hetgeen zijn weerslag zou hebben op het instrument.

Na de eerste euforie ebde de belangstelling voor het concertorgel weg. Het werd regelmatig ingeschakeld bij koorevenementen en orkestuitvoeringen, maar er werden nauwelijks soloconcerten op gegeven en er was geen stadsorganist om het orgel te promoten.

De firma Taylor & Son werd in 1965 overgenomen door J.W. Walker & Son, en zij stemden het orgel zo'n 25 jaar lang. In het begin van de jaren tachtig werd het onderhoud overgenomen door Roy Young, de laatste medewerker die in dienst was geweest bij de firma Taylor & Son, later bijgestaan door zijn zoon Richard. Zij voerden partieel herstelwerk uit aan het pijpwerk en de registertractuur. Het orgel had intussen erg geleden onder extreme droogte, wat zijn weerslag had op het lederwerk. Steeds vaker werd voor koorevenementen een elektronisch orgel ingehuurd omdat het concertorgel niet meer bedrijfszeker was.

Het was in 1990 toen Patrick Corah, een kleinzoon van de schenker van het orgel, een artikel in de Leieester Mercury onder ogen kreeg waarin de slechte conditie van het concertorgel werd beschreven. Twee trusts waaraan hij verbonden was, waren bereid geld in te zamelen voor de restauratie van het orgel. Met het geld dat een benefietconeert in juni 1991 had opgebracht, kon een eerste begin worden gemaakt met reparatiewerk. Maar al spoedig was duidelijk dat er méér moest gebeuren. In 1992 werd de organist en publicist Paul Hale aangezocht als adviseur. Samen met vader en zoon Young stelde hij een restauratieplan op. Niet minder dan £ 125.000 was nodig om het orgel zijn vroegere glorie terug te geven. De helft daarvan werd opgebracht door de trusts van Corah.
Voor een klein bedrijf als dat van Richard Young - zijn vader was inmiddels gepensioneerd - betekende deze restauratie een enorme klus. Het gehele orgel moest helemaal worden gedemonteerd. Het pijpwerk werd in ultrasonische baden gereinigd en ontdaan van een dikke nicotineaanslag; de windladen geheel hersteld; de tractuur opnieuw beleerd, enz. enz. Er werd echter niets veranderd aan de dispositie en aan de originele inrichting van de speeltafel. Na reiniging bleek dat het pijpwerk nauwelijks bijgeïntoneerd hoefde te worden. Het National Heritage Memorial Fund was dermate enthousiast over deze restauratie, dat het £50.000 bijdroeg - een tamelijk ongebruikelijke gang van zaken.

Het resultaat van de restauratie bleek niets minder dan verbijsterend. Adviseur Paul Hale vertelt: "We waren geestdriftig over het resultaat. We wisten ook dat niemand bij de City Council, niemand van de De Montfort Hall-staf en niemand uit het geslacht Corah ook maar enig idee had hoe geweldig dit orgel klonk, omdat niemand het ooit in goede staat had gehoord. Er werd daarom een privé-recital georganiseerd waarin ik de mogelijkheden van het orgel liet horen. Verbazing was te lezen op alle aanwezige gezichten. Men had geen flauw benul hoe zo'n orgel kón klinken. Tijdens de perspresentatie was het enthousiasme al even groot.

Stond het management van de De Montfort Hall aanvankelijk nog sceptisch tegenover het organiseren van concerten op het orgel, na het openingsconcert door Carlo Curley op 4 april 1998 door een uitverkochte zaal (er werden 1700 kaartjes verkocht, 800 belangstellenden moest 'nee' worden verkocht) zag men in dat het ook anders kon. Nadien werd het orgel regelmatig bespeeld door organisten als Nigel Ogden, Thomas Trotter en Ian Tracey. Een stadsorganist is er echter nog steeds niet in Leieester...


DISPOSITIE
GREAT ORGAN 
Double Open Diapason 16'
Large Open Diapason   8'
Open Diapason         8'
Claribel Flute        8'
Dulciana              8'
Principal             4' 
Flute Harmonique      4' 
Grave Mixture        II
Full Mixture        III
Trombone             16'
Tromba                8'
Clarion               4'

SWELL ORGAN 
Contra Gamba         16'
Open Diapason         8'
Violin Diapason       8'
Stopped Diapason      8'
Salicional            8'
Voix Celeste          8'
Principal             4'
Lieblich Flute        4'
Fifteenth             2' 
Mixture              IV
Double Trumpet       16'
Horn                  8'
Hautboy               8'

SOLO ORGAN 
Violin Diapason           8'
Lieblich Gedact           8'
Viol d'Orchestre          8'
Concert Flute             4'
Orchestral Oboe           8'
Corno di Bassetto         8'
Tuba Mirabilis            8'
Trombone (from Gt.)      16'
Tromba   (from Gt.)       8'
Clarion  (from Gt.)       4'

PEDAL ORGAN 
Double Open Diapason     32' 
Open Diapason (wood)     16'
Open Diapason (metal)    16'
Bourdon                  16'
Viol di Gamba (from Sw.) 16'
Oclave Diapason           8'
Bass Flute                8'
Double Trombone          32'
Bombarde                 16'
Trumpet                   8'
 

COUPLERS
Swell to Great Unison 
Swell to Great Sub Oclave
Swell to Great Oetave 
Swell Octave 
Solo to Pedals 
Swell to Pedals 
Great to Pedals 
Solo to Great 
Swell to Solo 
Tremulant to Swell 
Tremulant to Solo 
4 Pistons to Great 
4 Pistons to Swell 
3 Pistons to Solo 
1 Piston to Great 'Off' 
5 Composition Pedals to Pedal 


laatste bewerking : 01-04-2002